De turboliquidatie van de Besloten Vennootschap
Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/13.1.12:13.1.12 Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 BW
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/13.1.12
13.1.12 Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 BW
Documentgegevens:
mr. S. Renssen, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. S. Renssen
- JCDI
JCDI:ADS385080:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 2:248 BW speelt dezelfde opvallende rol als de faillissementspauliana; ook dit artikel kan worden beschouwd als zowel de oorzaak als het gevolg van de faillietverklaring van de turbogeliquideerde BV. In jurisprudentie en literatuur zijn tegenstanders te vinden van mijn opvatting dat artikel 2:248 BW een bate is op grond waarvan een turbogeliquideerde BV kan herleven. Ik ben deze mening toegedaan, omdat dit met het oog op de proceseconomie en derdenbescherming wenselijk is, aangezien in een situatie waarbij sprake is van een bate bestaande uit een mogelijke vordering uit hoofde van artikel 2:248 BW, de schuldeiser anders geen mogelijkheid zou hebben om een dergelijke vordering te innen.
Het bestuur dient naar mijn mening een jaarrekening op te maken over het laatste verkorte boekjaar voor de turboliquidatie van de BV. Voor het bestuur van een BV heeft het opmaken hiervan alleen maar voordelen: er kan decharge worden verleend in een separaat dechargebesluit en de jaarrekening kan een belangrijke rol spelen wanneer het bestuur in een heropeningsprocedure wordt verweten dat er ten tijde van de ontbinding wel baten aanwezig waren.
Gelet op de onderliggende gedachte bij de driejaarstermijn van artikel 2:248 lid 6 BW – dat zonder een dergelijke tijdsbeperking de werking van het artikel te bezwaarlijk zou zijn voor bestuurders – kan worden geconcludeerd dat de driejaarstermijn in het geval sprake is van een frauduleuze constructie waarbij het bestuur bewust heeft gekozen voor een turboliquidatie terwijl er nog baten waren, niet van toepassing dient te zijn.
Juist omdat het overgrote deel van BV’s wordt ontbonden via een turboliquidatie, is het cruciaal dat de wettelijke gebreken en leemten in de bestaande regeling door de wetgever worden hersteld en dat de misverstanden, die hieromtrent in de jurisprudentie en literatuur zijn ontstaan, worden weggenomen. Met het oog hierop worden in het volgende hoofdstuk een aantal aanbevelingen gedaan, voor de rechtspraktijk, maar ook tot wijziging van de bestaande wet.