Open normen in het huurrecht
Einde inhoudsopgave
Open normen in het huurrecht (R&P nr. VG11) 2019/1.7.0:1.7.0 Inleiding
Open normen in het huurrecht (R&P nr. VG11) 2019/1.7.0
1.7.0 Inleiding
Documentgegevens:
J.Ph. van Lochem, datum 01-10-2019
- Datum
01-10-2019
- Auteur
J.Ph. van Lochem
- JCDI
JCDI:ADS494989:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het Burgerlijk Wetboek zijn diverse open normen te vinden, zoals:
goede zeden (bijvoorbeeld artikel 3:40 BW: “Een rechtshandeling die door inhoud of strekking in strijd is met de goede zeden of de openbare orde, is nietig.”);
goede trouw (bijvoorbeeld artikel 7:954 BW: “[…] Niettemin blijft de verzekeraar die, onbekend met het bestaan van vorderingen van andere benadeelden, te goeder trouw aan een benadeelde of de verzekerde een groter bedrag dan het aan deze toekomende deel heeft uitgekeerd, jegens de andere benadeelden slechts gehouden tot het beloop van het overblijvende gedeelte van de verzekerde som. […]”;
de gedragsnorm, ook wel genaamd de ‘maatman’ (bijvoorbeeld een ‘goed werkgever’ en ‘goed werknemer’ in artikel 7:611 BW of een ‘zorgvuldig schuldenaar’ in artikel 7:29 lid 1 BW);
onredelijk bezwarend beding (artikel 6:233 BW, deels ingevuld door artikel 6:236 en 6:237 BW);
redelijkheid en billijkheid (soms ook separaat gehanteerd, bijvoorbeeld ‘naar billijkheid te berekenen vergoeding’ in artikel 7:308 lid 1 BW).
Open normen moeten onderscheiden worden van de beoordelingsruimte die de wetgever de rechter in sommige gevallen geeft. Zo bevat de wet in diverse artikelen de richtlijn dat een rechter bij het oordelen over een kwestie ‘alle omstandigheden van het geval’ in acht moet nemen. Een voorbeeld is artikel 7:429 lid 3 BW (inzake de overeenkomst van opdracht), dat luidt:
“Indien er een kennelijke wanverhouding is tussen het risico dat de handelsagent op zich heeft genomen, en de bedongen provisie, kan de rechter het bedrag waarvoor de handelsagent aansprakelijk is, matigen, voor zover dit bedrag de provisie te boven gaat. De rechter houdt met alle omstandigheden rekening, in het bijzonder met de wijze waarop de handelsagent de belangen van de principaal heeft behartigd.”
Het begrip ‘alle omstandigheden van het geval’ geeft de rechter veel vrijheid bij beslissingen, zij het dat de wetgever in voornoemd voorbeeld de rechter nog een op te volgen aanwijzing geeft (namelijk met welke omstandigheid in het bijzonder rekening moet worden gehouden). De wetgever geeft aan dat de rechter niet gebonden is aan een beperkt kader bij het geven van zijn oordeel. Ook in het huurrecht is dit terug te vinden, onder meer bij het verzoek tot indeplaatsstelling (artikel 7:307 BW). Allereerst gaat de rechter hier na of er daadwerkelijk sprake is van het hoofdvereiste (wordt het in het gehuurde uitgeoefende bedrijf overgedragen), maar uiteindelijk beslist de rechter met inachtneming van alle omstandigheden van het geval.
In de gevallen dat de rechter moet beoordelen wat redelijk en/of billijk is met inachtneming van alle omstandigheden van het geval, is in feite sprake van een gekwadrateerde (verheven tot de tweede macht) open norm. Het gaat dan allereerst om de open norm ‘redelijk’, waarbij de rechter niet alleen de ruimte heeft om in te vullen wat redelijk en/of billijk is, maar bovendien alle ruimte heeft om de omstandigheden te kiezen die hij van belang acht om aan de redelijkheid en/of billijkheid te meten.
Als onderwerp van dit proefschrift zijn de volgende drie open normen gekozen:
redelijkheid en billijkheid;
de maatman ‘goed huurder’;
onredelijk bezwarend (beding).
Om de werking van open normen in het huurrecht in beeld te brengen, is de meest voorkomende en brede open norm die (ook) van toepassing is op het huurrecht onderzocht: de redelijkheid en billijkheid. Een (afgeleide) open norm die specifiek is voor het huurrecht en derhalve enkel daarin haar bestaan kent betreft het goed huurderschap. Als uitersten op het spectrum van enerzijds een open norm die het gehele civiele recht beslaat (de redelijkheid en billijkheid) en anderzijds een open norm die uitsluitend op het huurrecht ziet (goed huurderschap), zijn deze beide open normen gekozen als onderwerp van het onderhavige onderzoek. Ergens op het bedoelde spectrum bevindt zich de (afgeleide) open norm ‘het onredelijk bezwarende beding’. Deze open norm is van toepassing op algemene voorwaarden en derhalve op diverse soorten contracten, waaronder de huurovereenkomst die volgens standaardgebruik in Nederland nagenoeg altijd bestaat uit een huurovereenkomst met bijbehorende algemene bepalingen.
Door op deze wijze voor drie open normen te kiezen, is het resultaat dat voldoende diepgang is bereikt, terwijl het overzicht behouden is gebleven. Deze drie open normen geven een goed beeld hoe in rechtspraak en literatuur wordt geoordeeld. De gekozen open normen worden nader toegelicht in de volgende subparagrafen.
Hoofdstuk 3 bevat een inhoudelijke inleiding ten aanzien van de drie gekozen open normen, voor een goed begrip van de open normen die onderwerp zijn van dit proefschrift. Hetzelfde geldt voor het huurrecht, ook daarvan bevat hoofdstuk 3 een korte schets. Op deze wijze is de context waarbinnen de open normen zullen worden geduid, te weten het huurrecht en de beschermingsgedachte die daar de kern van vormt, duidelijk.