Einde inhoudsopgave
De Europese Executoriale Titel (BPP nr. III) 2005/2.6.2
2.6.2 Formeel en materieel toepassingsgebied
Mr. M. Zilinsky, datum 02-03-2005
- Datum
02-03-2005
- Auteur
Mr. M. Zilinsky
- JCDI
JCDI:ADS375843:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Verdrag inzake de betekening en de kennisgeving in het buitenland van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en handelszaken, 15 november 1965, (Trb. 1966, 91, Trb. 1969, 55 en 210). Dit verdrag is voor Nederland op 2 januari 1976 in werking getreden. Zie ook Uitvoeringswet Haags Betekeningsverdrag 1965, Stb. 1975, 693.
Dit wordt afgeleid uit het feit dat het Haags Betekeningsverdrag 1965 ook van toepassing is in burgerlijke en handelszaken, inbegrepen de personen- en familierechtelijke zaken. Zie Burgerlijke Rechtsvordering, Vlas, Verdragen & Verordeningen, EG-Betekeningsverordening, aant. 3. Zie ook overweging 15 van de Considerans bij de 'Brussel Ilbis'-Verordening, alwaar is bepaald dat de betekening en kennisgeving van gerechtelijke stukken in overeenkomstig deze verordening ingestelde procedures dient plaats te vinden volgens de EG-Betekeningsverordening.
Het toepassingsgebied van de EG-Betekeningsverordening blijkt uit art. 1 BetVo. De verordening is van toepassing indien een gerechtelijk of buitengerechtelijk stuk van een lidstaat in een andere lidstaat moet worden betekend dan wel ter kennis moet worden gebracht, voorzover het adres van de ontvanger bekend is. Krachtens art. 20 lid 1 BetVo is het Haags Betekeningsverdrag 19651 opzijgezet. Ingevolge overweging 18 van de Considerans neemt Denemarken geen deel aan deze verordening. Dit betekent dat bij de betekening van een gerechtelijk stuk vanuit Denemarken in Nederland en vice versa de weg van het verdrag gevolgd dient te worden. Het verdrag blijft wat Nederland betreft ook van toepassing in de relatie tot de overige verdragsluitende staten, niet zijnde lidstaten van de EU.
De verordening is van toepassing in burgerlijke en handelszaken. In tegenstelling tot de EEX-Verordening worden bepaalde onderdelen van dit rechtsgebied niet uitdrukkelijk uitgesloten. Derhalve geldt de verordening ook voor de betekening en kennisgeving in personen- en familierechtelijke zaken.2 De uiteindelijke afbakening van de term 'burgerlijke en handelszaak' in de zin van art. 1 BetVo zal door het HvJ EG moeten geschieden.