Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen
Einde inhoudsopgave
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/3.2.5:3.2.5 Discussiepunten over de vennootschapsbelasting als winstbelasting van lichamen en relatie met de inkomstenbelasting
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/3.2.5
3.2.5 Discussiepunten over de vennootschapsbelasting als winstbelasting van lichamen en relatie met de inkomstenbelasting
Documentgegevens:
dr. F.J. Elsweier, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
dr. F.J. Elsweier
- JCDI
JCDI:ADS396357:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het laatste punt is niet zozeer een discussiepunt vanuit Nederlands perspectief, maar vloeit voort uit het feit dat Duitsland een dergelijke gemeentelijke ondernemingsbelasting kent en Nederland niet.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit een analyse van wetgeving, parlementaire stukken, jurisprudentie en literatuur over de vennootschapsbelasting in het algemeen blijkt mijns inziens dat op hoofdlijnen de volgende discussiepunten kunnen worden gedestilleerd:
Er is discussie over de rechtsgrondslag van de vennootschapsbelasting;
De discussie over wel of geen invoering van een (rechtsvormneutrale) ondernemingswinstbelasting;
In Nederland speelt de discussie over een grotere rol voor gemeentelijke belastingen en een interessante vraag daarbij is of (her)invoering van een gemeentelijke ondernemingsbelasting zoals de Duitse Gewerbesteuer aanbevelenswaardig is?1
Deze discussiepunten zal ik hieronder nader uitwerken en toetsen aan mijn in hoofdstuk 1.3.2.4 besproken toetsingskader, namelijk aan de i. fiscaal-beleidsanalytische toets, ii. fiscaal-juridische toets, iii. fiscaal-wetstechnische toets en iv. internationale/Europese fiscale ontwikkelingentoets.
Ik besteed met name aandacht aan de toetsen waaraan niet of in mindere mate is voldaan. Daarnaast ga ik in op de verschillende overwegingen rondom de bovenstaande discussiepunten en geef ik mijn eigen mening over (toekomstige oplossingsrichtingen van) de discussiepunten. Vervolgens zal ik in het resterende deel van het hoofdstuk onderzoeken of Duitsland een oplossing of benadering heeft die aanbevelenswaardig is of kan zijn voor de vennootschapsbelasting ten aanzien van deze discussiepunten. Deze onderzoeksmethode en opzet zal ik ook in de resterende rechtsvergelijkende hoofdstukken hanteren.
3.2.5.1 Geen eenduidige rechtsgrondslag3.2.5.2 Rechtsvormneutrale ondernemingswinstbelasting3.2.5.3 Structuring "grotere rol voor gemeentelijke belastingen (invoering van een Gewerbesteuer?)