Rechtsverwerking en klachtplichten in het verbintenissenrecht
Einde inhoudsopgave
Rechtsverwerking en klachtplichten in het verbintenissenrecht (R&P nr. CA28) 2024/2.5.5:2.5.5 Onderscheid Obliegenheit enerzijds en rechtsplicht en verbintenis anderzijds vertroebelt wanneer op leerstukniveau naar kenmerken Obliegenheit wordt gekeken
Rechtsverwerking en klachtplichten in het verbintenissenrecht (R&P nr. CA28) 2024/2.5.5
2.5.5 Onderscheid Obliegenheit enerzijds en rechtsplicht en verbintenis anderzijds vertroebelt wanneer op leerstukniveau naar kenmerken Obliegenheit wordt gekeken
Documentgegevens:
H. Boom, datum 28-06-2024
- Datum
28-06-2024
- Auteur
H. Boom
- JCDI
JCDI:ADS973531:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op basis van de in par. 2.2 gegeven algemene definitie van de Obliegenheit concludeerde ik in par. 2.3 dat de Obliegenheit een aparte categorie plichten lijkt te vormen naast rechtsplichten en verbintenissen. Wanneer op leerstukniveau naar de centrale kenmerken van de Obliegenheit wordt gekeken, blijkt evenwel dat het onderscheid tussen Obliegenheiten enerzijds en rechtsplichten en verbintenissen anderzijds vertroebelt. Dat is zowel zo wanneer naar de afdwingbaarheid van rechtsfiguren, die als Obliegenheit worden gekenschetst, wordt gekeken, als wanneer het sanctie-technische aspect van de betreffende rechtsfiguren op de keper wordt beschouwd.
Met betrekking tot de afdwingbaarheidskwestie constateerde ik dat informatieplichten, waaraan een Obliegenheit-karakter wordt toegedicht, in het gegeven geval afdwingbaar geacht kunnen of zouden moeten worden. Ik constateerde bovendien dat dat in het kader van het leerstuk rechtsverwerking en de klachtplichten soms wenselijk zou zijn. Ook de medewerkingsplicht bij schuldeisersverzuim kent een afdwingbare variant. Het enige leerstuk waar het Obliegenheit-bastion van niet-afdwingbaarheid onaangetast blijft is de schadebeperkingsplicht.
Ook in termen van sancties schuiven de panelen wanneer op leerstukniveau wordt gekeken. Zo kan schending van de mededelingsplicht bij dwaling in een schadevergoedingsvordering van de wederpartij resulteren. Hier is dus niet slechts sprake van een sanctie in het domein van de schuldeiser zelf. Men zou dit als een geval van samenloop kunnen zien van enerzijds schending van een Obliegenheit, waaruit geen schadeplichtigheid voortvloeit, en anderzijds als schending van een rechtsplicht, waaruit de schadeplichtigheid voortvloeit. Men loopt dan alleen tegen het probleem aan dat de mededelingsplicht bij dwaling bij uitstek een informatieplicht is die zich naar zijn aard niet goed laat afdwingen, zodat deze karaktertrek van de rechtsplicht moeizaam gestand kan worden gedaan. In Duitsland heeft de wetgever de keuze gemaakt om alle informatieplichten, buiten het verzekeringsrecht gerekend, als verbintenissen aan te merken. Schending daarvan kan naar Duits recht dus per definitie in schadeplichtigheid resulteren. De medewerkingsplicht bij schuldeisersverzuim kan onder omstandigheden een tekortkoming en dus schadeplichtigheid van de schuldeiser jegens de schuldenaar opleveren. Ook dit leerstuk kent daarmee niet slechts een beperking van schuldeisersrechten als sanctie. Wederom loopt slechts het leerstuk van de schadebeperkingsplicht zonder meer in de pas met de algemene definitie van de Obliegenheit.
Ik kom tot de conclusie dat de Obliegenheit een weerbarstig concept is dat zich in juridisch-technisch opzicht niet steeds goed laat onderscheiden van de rechtsplicht en de verbintenis. Wat kan het fenomeen dan betekenen voor het leerstuk rechtsverwerking en klachtplichten? Die vraag komt in de volgende paragraaf aan de orde.