Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/8.4.1
8.4.1 Inleiding
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949800:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Een verzekeraar die verzekeringsovereenkomsten sluit zonder tussenkomst van assurantietussenpersonen wordt een direct writer genoemd. Deze term wordt onder meer vermeld in Silverentand en Van der Eerden 2018, p. 301 en Asser/Wansink, Van Tiggele & Salomons 7-IX 2019/45.
Op grond van art. 1:1 Wft wordt onder meer als bemiddelen beschouwd: “alle werkzaamheden in de uitoefening van een beroep of bedrijf gericht op het als tussenpersoon tot stand brengen van een verzekering tussen een cliënt en een verzekeraar of op het assisteren bij het beheer en de uitvoering van een verzekering”.
Van Velzen 2016, 97.
Van Velzen 2016, 98. Soms werken verzekeraars zonder samenwerkingsovereenkomsten. Bijvoorbeeld Dela vermeldt op de website dat zij sinds januari 2018 zonder samenwerkingsovereenkomsten werken (https://www.dela.nl/intermediair/samenwerking).
Hoge Raad 6 december 2019, ECLI:NL:HR:2019:1909, JOR 2020/74, m.nt. A. Steneker (ING/Thielen q.q.). Zie verder hoofdstuk 8.9 van dit proefschrift.
Een verzekeringnemer kan een verzekeringsovereenkomst rechtstreeks bij een verzekeraar sluiten,1 maar hij kan ook besluiten om een assurantietussenpersoon in te schakelen die bemiddelt en/of adviseert ten aanzien van de verzekeringsovereenkomst. De term ‘assurantietussenpersoon’ is niet gedefinieerd in de Wft.
De Wft bevat wel definities van bemiddelen2 en adviseren3. De verzekeringnemer kan opdracht hebben gegeven om te bemiddelen zonder ook opdracht te geven om te adviseren. Het kan ook gaan om een opdracht om zowel te bemiddelen als te adviseren.4 Een bemiddelaar heeft in beginsel een samenwerkingsovereenkomst nodig met elke verzekeraar waarvoor hij wil bemiddelen.5
In jurisprudentie is het uitgangspunt dat tot een assurantieportefeuille van een assurantietussenpersoon de overeenkomsten van opdracht behoren die hij heeft gesloten met cliënten, alsmede de samenwerkingsovereenkomsten die de assurantietussenpersoon heeft gesloten met verzekeraars, alsmede de goodwill bestaande in de verwachting dat de cliënten verzekeringsovereenkomsten die zij in de toekomst willen sluiten, via deze assurantietussenpersoon zullen sluiten.6