Het schuldige geheugen?
Einde inhoudsopgave
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/II.3.3.3.2:II.3.3.3.2 Tijdsverloop
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/II.3.3.3.2
II.3.3.3.2 Tijdsverloop
Documentgegevens:
mr. D.A.G. van Toor, datum 22-02-2017
- Datum
22-02-2017
- Auteur
mr. D.A.G. van Toor
- JCDI
JCDI:ADS451967:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
D.V. Meegan, ‘Neuroimaging Techniques for Memory Detection: Scientific, Ethical, and Legal Issues’, AJOB 2008, 1, p. 10.
S. Hira, ‘The P300-Based Guilty Knowledge Test: Does It Stand The Test of Time?’, Psychophysiology 2003, S1, S10-S11.
S. Hira, ‘The P300-Based Guilty Knowledge Test: Does It Stand The Test of Time?’, Psychophysiology 2003, S1, S11.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Daarnaast is het tijdsverloop tussen het gepleegde strafbare feit en het moment van afname van de test een mogelijk probleem. Het is misschien helemaal niet mogelijk om te allen tijde nog een GKT af te nemen bij een persoon, ook al kan een op zichzelf kwalitatief goede GKT worden samengesteld. De methode onderzoekt namelijk of de persoon daderkennis heeft opgeslagen in zijn geheugen en deze informatie herkent tijdens de test. (Neuro)geheugendetectie gaat derhalve ervan uit dat de persoon de informatie nog steeds in zijn lange termijngeheugen heeft opgeslagen op het moment dat hij wordt getest. Meegan wijst erop dat in sommige situaties, gezien het tijdsverloop, het onmogelijk wordt om de GKT betrouwbaar af te nemen.1 Normaal gesproken wordt de test namelijk ten minste enkele weken, maar waarschijnlijk eerder enkele maanden na het plegen van het strafbare feit afgenomen. Dit brengt de kans mee dat de dader bepaalde details is vergeten. Vooral de kans op vals-negatieven wordt dan vergroot, omdat de dader bepaalde, specifieke details van de plaats delict is vergeten.
Ook Hira beschrijft dat de externe validiteit van de mock-crime GKT’s te betwijfelen valt omdat in het wetenschappelijke onderzoek de GKT vaak wordt afgenomen direct na het gespeelde strafbare feit.2 Dit terwijl in de praktijk meer dan de helft van de GKT’s later dan één maand na het plegen worden afgenomen. Met een kleine groep proefpersonen onderzocht Hira de mogelijkheid om personen te classificeren één maand na het strafbare feit (n=9) en één jaar later (n=5).3 In beide gevallen werden alle schuldigen correct geclassificeerd. Op basis van deze kleine selectie onderzochte personen kunnen natuurlijk geen verstrekkende conclusies worden getrokken, maar het lijkt in elk geval niet onaannemelijk dat de GKT na verloop van (veel) tijd nog even adequaat kan worden afgenomen als na (veel) kortere tijd. Daarnaast gaf Meegan aan dat de kans op vals-negatieven dan toeneemt omdat de dader mogelijk details van het strafbare feit is vergeten. Maar de kans op vals-negatieven is een acceptabeler risico dan het risico op vals-positieven. Op deze wijze brengt de GKT niet mee dat de kans op het onschuldig veroordelen (vals-positieven) wordt vergroot, terwijl dat als een (veel) ernstigere fout wordt gezien dan het onterecht vrijspreken.