De fiscale gevolgen van samenwerking door non-profitorganisaties
Einde inhoudsopgave
De fiscale gevolgen van samenwerking door non-profitorganisaties (FM nr. 182) 2024/3.4.1:3.4.1 Ad-hoc en structurele samenwerking
De fiscale gevolgen van samenwerking door non-profitorganisaties (FM nr. 182) 2024/3.4.1
3.4.1 Ad-hoc en structurele samenwerking
Documentgegevens:
M.M.F.J. van Bakel, datum 15-06-2024
- Datum
15-06-2024
- Auteur
M.M.F.J. van Bakel
- JCDI
JCDI:ADS975752:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
Vennootschapsbelasting (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van Duuren 2002, p. 3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer de deelnemers duidelijk voor ogen staan wat zij met hun samenwerking willen bereiken, wat zij daartoe willen inbrengen en wat hun wederzijdse rechten en verplichtingen zijn, dienen zij de (rechts)vorm van de samenwerking te bepalen.1 Een samenwerking kan verschillende vormen aannemen. Het karakter van de samenwerking ligt tussen een ad-hoc-samenwerking en structurele samenwerking. Bij een ad-hoc-samenwerking is de relatie tussen de deelnemers aangegaan met het oog op één bepaald project. De deelnemers wensen ‘iets gezamenlijks te doen’, zoals het delen van middelen en kennis. In principe eindigt het samenwerkingsverband wanneer het project voltooid is of wordt beëindigd. De inzet van de middelen door de deelnemers is beperkt tot datgene wat onmiddellijk bijdraagt tot het volbrengen van het gezamenlijke project. Kenmerkend aan deze vorm van samenwerken is dat de interactie tussen de deelnemers beperkt blijft tot het delen van geld, goederen (zaken en/of vermogensrechten) of het genot daarvan. Een structureel samenwerkingsverband daarentegen is niet gebonden aan één bepaald project, maar legt de algemene doelstellingen van de deelnemers vast. De samenwerking is in principe van onbepaalde duur en de inzet van middelen in het samenwerkingsverband wordt verantwoord door de meerwaarde die er met het oog op de diverse activiteiten van de organisatie uit de samenwerking gehaald wordt. Een voorbeeld van een structurele samenwerking in de non-profitsector is de Stichting Samenwerkende Hulporganisaties (SHO). De SHO is het samenwerkingsverband van elf Nederlandse hulporganisaties dat bij grote humanitaire rampen fondsen werft voor hulpverlening aan slachtoffers. Een structurele samenwerking kenmerkt zich door een hoge betrokkenheid van deelnemers en een gedeelde missie voor het aangaan van de samenwerking.