De fiscale gevolgen van samenwerking door non-profitorganisaties
Einde inhoudsopgave
De fiscale gevolgen van samenwerking door non-profitorganisaties (FM nr. 182) 2024/3.4.6:3.4.6 Deelname/participatie
De fiscale gevolgen van samenwerking door non-profitorganisaties (FM nr. 182) 2024/3.4.6
3.4.6 Deelname/participatie
Documentgegevens:
M.M.F.J. van Bakel, datum 15-06-2024
- Datum
15-06-2024
- Auteur
M.M.F.J. van Bakel
- JCDI
JCDI:ADS975716:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
Vennootschapsbelasting (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij een deelname/participatie bezit een organisatie aandelen (in het geval van een kapitaalvennootschap) of lidmaatschapsrechten (in het geval van een vereniging of coöperatie) in een andere organisatie met het doel daarmee een bepaalde invloed uit te oefenen. Bij een kapitaalvennootschap, zoals een BV of NV vertegenwoordigen aandelen de eigendom van de vennootschap. Het houden van aandelen geeft de aandeelhouder bepaalde rechten, zoals het recht op dividend en het stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders. Deze rechten zijn vastgelegd in Boek 2 van het BW. Voor verenigingen en coöperaties zijn lidmaatschapsrechten van toepassing. Deze rechten zijn eveneens geregeld in Boek 2 van het BW en geven leden het recht om invloed uit te oefenen op het beleid van de organisatie, meestal via een stemrecht in de ledenvergadering. Hiervoor worden afspraken gemaakt in de statuten en de ledenovereenkomst. Een coöperatie onderscheidt zich van een vereniging door de mogelijkheid om winst uit te keren aan haar leden.
Het verschil met een joint venture is dat bij deelname of participatie de non-profitorganisatie niet actief betrokken is bij de dagelijkse leiding of besluitvorming van de organisatie waarin zij deelneemt. De non-profitorganisatie functioneert als een ‘stille’ houder van de deelneming, vaak vanuit een strategisch oogpunt. De betrokkenheid is meestal beperkt tot het verstrekken van bepaalde kennis en/of financiële middelen. Voor zover er sprake is van het verstrekken van eigen vermogen of vreemd vermogen aan de deelneming of participatie, stromen er ook financiële vergoedingen naar de deelnemer, bijvoorbeeld in de vorm van dividend of rente.
Onderlinge prestaties tussen partijen worden in principe niet verricht. Een uitzondering hierop is mogelijk indien er een separate overeenkomst bestaat waarin deze prestaties expliciet zijn overeengekomen. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan de uitgifte van intellectuele eigendomsrechten door een non-profitorganisatie, waarvoor een licentievergoeding overeen wordt gekomen. De aansprakelijkheid van de deelnemende non-profitorganisatie is in beginsel beperkt tot het ingebrachte kapitaal. Dit betekent dat de organisatie niet verder aansprakelijk is dan het bedrag dat zij heeft geïnvesteerd in de deelneming of participatie.
De deelname of participatie kan worden gezien als een middel om zeggenschap te creëren en toezicht te houden op het bestuur of management van de organisatie waarin wordt deelgenomen. Dit kan vooral belangrijk zijn voor non-profitorganisaties die hun missie of doelstellingen willen bevorderen door invloed uit te oefenen op andere organisaties. Een voorbeeld hiervan zijn de spin-offbedrijven die door universiteiten en academische medische centra worden opgericht als uitdrukking van hun wettelijke taak om kennis te valoriseren. Hoewel de vorming van spin-offbedrijven leidt tot financiële relaties en afspraken, opereren deze bedrijven vaak onafhankelijk van de universiteit of het academische ziekenhuis wat betreft hun dagelijkse bedrijfsvoering. Dit betekent dat de universiteit of het academische ziekenhuis meestal geen actieve rol speelt in het operationele management van het bedrijf. Dergelijke activiteiten worden echter wel vaak onder de noemer van (publiek-private) samenwerking gerangschikt.