De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV
Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.4.2:9.4.2 De zaak PCM
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.4.2
9.4.2 De zaak PCM
Documentgegevens:
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS381849:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de PCM-beschikking wijst de OK de gedachte van de hand dat vakbonden alleen een belang hebben bij een enquêteverzoek voor zover er sprake is van gegronde redenen om te twijfelen aan een juist beleid op sociaal en economisch gebied waarbij de belangen van de werknemers in het geding zijn.1 Een ander oordeel zou ook niet overeenstemmen met de strekking van het enquêterecht. De enquêtebevoegdheid van de vakbonden is weliswaar door de wetgever in het leven geroepen om op te komen tegen sociale of economische beleidsfouten die de belangen van werknemers kunnen schaden, maar uit de wetsgeschiedenis volgt niet dat de wetgever dit beperkend bedoelt.2 Ieder beleid dat de continuïteit van de vennootschap en daarmee de werkgelegenheid van haar werknemers in het geding brengt, geeft de vakbond mijns inziens een belang bij het doen van een enquêteverzoek. In het enquêterecht staat het belang van de vennootschap centraal. De vraag is steeds of dit belang in het geding is.
De OK oordeelt voorts dat de vakbonden bevoegd zijn een onderzoek in te stellen bij de concernvennootschappen van PCM. Ik kom hierop terug in § 9.5.6.