Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht
Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.5.6.4:9.5.6.4 Disclosure statement
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.5.6.4
9.5.6.4 Disclosure statement
Documentgegevens:
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS581151:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie www.academy-experts.org/defaultin.htm.
Zie over het disclosure statement Smeehuijzen 2003, p. 126-129; Van Dijk 2007, p. 439-441.
Zie A.J. Akkermans & J.L. Smeehuijzen, Disclosure statement, versie augustus 2005, www.rechten.vu.nl/iwmd; Smeehuijzen 2003, p. 126-129; Van Dijk 2007, p. 441.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In § 9.5.5 heb ik de vergelijking gemaakt met de eisen die in de Verenigde Staten door het us Supreme Court worden gesteld aan de deskundige. In Engeland zijn in deel 35 van de Civil Procedure Rules bepalingen over 'Experts and Assessors' neergelegd. De algemeen geformuleerde Civil Procedure Rules zijn nader uitgewerkt in de Practice Directions. In de 'Code of Guidance for Experts and those instructing them' is de Practice Direction Experts and Assessors weer nader uitgewerkt door een regeling opgesteld door de 'Academy of Experts' .1In deel 35 van de CPR zelf staat niets over de eisen die aan een deskundigen-rapport kunnen worden gesteld. De Practice Direction bepaalt te dien aanzien:
'An expert's report must:
give details of the expert's qualifications;
give details of any literature or other material which the expert has relied on in making the report;
3. contain a statement setting out the substance of all facts and instructions given to the expert which are material to the opinions expressed in the report or upon which those opinions are based;
4. make clear which of the facts stated in the report are within the expert's own knowledge;
5. say who carried out any examination, measurement, test or experiment which the expert has used for the report, give the qualifications of that person, and say whether or not the test or experiment has been carried out under the expert's supervision;
6. where there is a range of opinion on the matters dealt with in the report
summarise the range of opinion, and
give reasons for his own opinion;
7. contain a summary of the conclusions reached; (...).'
In het Verenigd Koninkrijk is het regel dat expertiserapporten worden voorafgegaan door een zogenaam disclosure statement. Deze regels zijn ook in de Nederlandse rechtspraktijk bruikbaar om te bepalen wie de deskundige eigenlijk is en hoe zijn rapport dient te worden beoordeeld. Nog te vaak wordt aan de deskundige die dient op te treden in de rechtspleging nauwelijks gevraagd wat zijn achtergrond is. Welke opleiding heeft hij genoten, wat is zijn professionele ervaring, hoe vaak heeft hij deskundigenbericht uitgebracht, wat is zijn wetenschappelijke opvatting etc.2 Een disclosure statement bij het vragen van een deskundigenbericht vormt dan ook een wenselijke aanvulling voor de keuze van de persoon van de deskundige en voor de beoordeling van zijn deskundigenadvies.
Voor de mededingingseconoom zal bij de privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht kunnen worden aangesloten bij een studiemodel voor een disclosure statement dat in samenwerking met de deelnemers aan de Interdisciplinaire Werkgroep Medische Deskundigen (IWMD) is ontwikkeld door de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging van de VU.3 De eerste vier vragen van het studiemodel gaan over de persoon van de deskundige en luiden als volgt:
'a. Waar bent u werkzaam?
(indien u bij meerdere organisaties werkzaam bent gaarne alle noemen)
b. Heeft u aan uw beroep gerelateerde nevenfuncties en zo ja, welke?
Wat kwalificeert u voor het uitbrengen van een expertiserapport in de onderhavige zaak? (Te noemen zijn met name opleiding en professionele ervaring)
Heeft u in het verleden reeds als expertiserend deskundige opgetreden en zo ja, hoe vaak en in wiens opdracht?
(Met "in wiens opdracht" wordt bedoeld: in opdracht van de eisende partij, van de aangesproken partij of van de rechter; het is uiteraard niet nodig namen te noemen)'
De laatste vijf vragen van het studiemodel gaan over de wetenschappelijke opvattingen van de deskundige en luiden als volgt:
'a. Bestaan er over het onderwerp van de expertise medisch-wetenschappelijk ['medisch-wetenschappelijk' zal voor de mededingingseconoom vervangen dienen te worden door 'wetenschappelijk', EJZ] uiteenlopende opvattingen?
Indien uw antwoord op vraag 2a bevestigend luidt:
Kunt u in hoofdlijnen uiteenzetten in welk opzicht de meningen uiteenlopen (voor zover mogelijk met verwijzing naar literatuur)?
Welke is uw eigen opvatting?
Kunt u aangeven of een deskundige met een andere opvatting in het onderhavige geval tot een ander oordeel was gekomen dan waartoe u komt?
Als inderdaad een deskundige met een andere opvatting in het onderhavige geval tot een ander oordeel was gekomen: kunt u aangeven wat dat oordeel zou zijn geweest?'
De inschakeling van een (economisch) deskundige kan gepaard gaan met veel discussie tussen de gelaedeerden en de laedens over diverse vragen. Gedacht kan worden aan de keuze van de deskundige, de formulering van de vraagstelling, de interpretatie of de uitleg van het uiteindelijk uitgebrachte deskundigen-advies etc. Voorstellen van de wederpartij worden wantrouwend bekeken en vaak afgewezen op grond van het enkele feit dat het afkomstig is van de wederpartij. Een disclosure statement zal kunnen helpen bepaalde aspecten van het deskundigenbericht beter in perspectief te plaatsen. Het is niet de oplossing voor alle problemen die zich bij de kennisparadox voordoen, maar het biedt de rechter en procespartijen wel meer inzicht in de persoon van de deskundige en zijn wetenschappelijke opvattingen.