De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV
Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.5.4:9.5.4 De zaak IJsselwerf: enquête naar boven
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.5.4
9.5.4 De zaak IJsselwerf: enquête naar boven
Documentgegevens:
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS381850:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
OK 21 oktober 1999, JOR 1999/228 m.nt. Van den Ingh (IJsselwef), r.o. 2.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de IIsselwerf-beschikking betwist de holding de ontvankelijkheid van FNV, omdat bij haar geen FNV-leden werkzaam zijn. De OK verwerpt dit standpunt. Onder verwijzing naar Janssen Pers overweegt de OK dat een vakbond bevoegd is een enquête te verzoeken bij concerngenoten van de rechtspersoon in wiens onderneming haar leden werkzaam zijn. Daaraan voegt zij toe dat die uitleg in dit geval temeer geldt nu de holding een beslissende mate van invloed heeft op het gewraakte beleid van de dochtervennootschap (inhoudende het beëindigen van haar ondernemingsactiviteiten). De holding erkent op zitting ook dat zij beslissende invloed heeft op het desbetreffende beleid.1 De OK gelast derhalve een enquête bij de dochtervennootschap en de holding. Het onderzoek bij de holding mag echter niet verder gaan dan haar beleid ten aanzien van de dochtervennootschap.