De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/3.4.5:3.4.5 2007 - Leerkracht!
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/3.4.5
3.4.5 2007 - Leerkracht!
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949650:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Commissie Leraren onder leiding van Rinnooy Kan pleitte in 2007, in haar advies getiteld Leerkracht!, voor een professionelere school.1 De aanleiding voor dit advies vormde het aanstaande kwantitatieve en kwalitatieve tekort aan leraren. Om dit tekort tegen te gaan zou de leraar beter beloond moeten worden en zou er een stevige beroepsgroep gevormd moeten worden die de belangen van leraren kan gaan behartigen.2 De beroepsgroep zou de belangen van leraren moeten gaan behartigen op landelijk niveau en het scholingsaanbod voor leraren moeten gaan certificeren. Ook zou de beroepsgroep een basisregister van leden bij moeten gaan houden, waarin de werkervaring en scholing van leraren wordt bijgehouden.
Uitgangspunt van de professionelere school waar de Commissie voor pleitte, is dat de goede leraar allereerst zelf verantwoordelijkheid neemt voor de kwaliteit van zijn werk, omdat dit hoort bij de kern van zijn beroep. Het bestuur van de school dient voorwaarden te scheppen, zodat de leraar zelf verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van zijn werk kan nemen. Op deze manier zou vanuit de leraren zelf een school ontstaan die werkt vanuit een visie op kwaliteit en die uitgaat van betrokkenheid van leraren en de omgeving bij deze visie.
In het advies van de Commissie Leraren stond de betrokkenheid van leraren bij de besluitvorming binnen de school centraal, om de positie van de leraar in de school te versterken.3 De leraar zou idealiter moeten beschikken over versterkte autonomie, die is gebaseerd op zijn verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van zijn werk. Vanuit deze verantwoordelijkheid voert de leraar gesprekken met de schoolleiding. Om te komen tot de professionelere school zou de minister van OCW een convenant moeten sluiten met de organisaties van onderwijswerkgevers.4 Hierin zouden afspraken gemaakt moeten worden over integraal personeelsbeleid, betrokkenheid van leraren en horizontale verantwoording.