De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen
Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/391:391 Een bindende say-on-pay over het bezoldigingsbeleid
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/391
391 Een bindende say-on-pay over het bezoldigingsbeleid
Documentgegevens:
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS366618:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De bindende say-on-pay brengt ons bij een regeling waarmee Nederland zich vooralsnog onderscheidt van de meeste landen. Met de invoering van art. 2:135 lid 1 BW is in 2004 een deel van de bevoegdheid om de bezoldiging van bestuurders te bepalen dwingendrechtelijk bij de AVA neergelegd. Nederland was daarmee zijn tijd ver vooruit. Pas recent heeft het Verenigd Koninkrijk het Nederlandse voorbeeld gevolgd, terwijl de Verenigde Staten even daarvoor nog voor de niet-bindende variant hebben gekozen.1 Duitsland kent zelfs een nog lichter regime.2 Op Europees niveau lijkt de voorkeur tegenwoordig uit te gaan naar het strikte Nederlandse model, hoewel een adviserende stem als alternatief mogelijk is.3 Ingrijpende aanpassingen zal deze nieuwe Europese regelgeving voor Nederland op dit onderdeel dan ook niet meebrengen.4 De door de herziene aandeelhoudersrechtenrichtlijn voorgeschreven vereisten waaraan het bezoldigingsbeleid moet voldoen, zorgen daarentegen wel voor aanpassingen door de wetgever.