De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen
Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/1.7.1:1.7.1 Het overheidsaansprakelijkheidsrecht wegens rechtmatig handelen
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/1.7.1
1.7.1 Het overheidsaansprakelijkheidsrecht wegens rechtmatig handelen
Documentgegevens:
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS702060:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Tjepkema 2010; De Jongh 2012; Huijts 2020.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor ik in hoofdstuk 2 met het onderzoek begin, leek mij een korte terreinverkenning raadzaam. Ik begin die verkenning met het rechtsgebied waarbinnen de schadedeskundigen optreden. Dat is het overheidsaansprakelijkheidsrecht wegens rechtmatig handelen.
De overheid kan, naast dat zij aansprakelijk kan zijn wegens onrechtmatig handelen, ook aansprakelijk zijn wegens rechtmatig handelen. Anders gezegd: zelfs al handelt de overheid in overeenstemming met het recht, dan toch kan zij gehouden zijn bepaalde nadelen van burgers te vergoeden. Dat is ook wel verklaarbaar. Overheidshandelingen, al zijn die rechtmatig, kunnen soms een bijzonder zware last voor burgers opleveren. Ik liet dat eerder in het kader van het onteigeningsinstrument al zien. Ook op het oog minder ingrijpende overheidshandelingen kunnen echter een onevenredig zware last voor burgers opleveren en zo tot rechtens vergoedbare schade leiden. Denk bijvoorbeeld aan burgers wiens vrije uitzicht kan komen te vervallen doordat het ter plaatse geldende bestemmingsplan aldus wordt gewijzigd dat het de bouw van een galerijflat of van een windmolenpark mogelijk maakt. Zulks kan een behoorlijke aantasting van het woongenot (privacy, uitzicht) veroorzaken hetgeen zich vertaalt in een waardedaling van de woning.
Zoals ik in § 1.3 reeds schreef, is het overheidsaansprakelijkheidsrecht wegens rechtmatig handelen, een complex en sterk verbrokkeld rechtsgebied. Dat blijkt ook uit de vaak vuistdikke proefschriften die over dit rechtsgebied zijn verschenen. 1De complexiteit van het rechtsgebied heeft te maken met twee traditionele ‘breuklijnen’. Een eerste breuklijn loopt tussen de materiële rechtsgronden op basis waarvan de eventuele schade kan worden vergoed. Tegenwoordig is één beginsel in ieder geval aanvaard als rechtsgrond. Dat is het uit het Franse belastingrecht overgewaaide égalité-beginsel (égalité devant les charges publiques, oftewel: gelijkheid voor de openbare lasten). Niet alle schade komt op basis van dat beginsel voor vergoeding in aanmerking, maar slechts de schade die uitstijgt boven het normale maatschappelijke risico (ook wel: de abnormale last) en een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft (ook wel: de speciale last). Juridisch is een schadevergoeding die is gestoeld op het égalité-beginsel bekend als nadeelcompensatie.
Een tweede breuklijn loopt tussen de wettelijk geregelde vormen van schadevergoeding wegens rechtmatige overheidsdaad en de niet wettelijk geregelde vormen. Bekende voorbeelden van wettelijk geregelde vormen van schadevergoeding zijn de al eerdergenoemde onteigening krachtens de onteigeningswet en de tegemoetkoming in planschade krachtens afdeling 6.1 Wro. Dat zijn ook meteen de meest ‘bekende’ schadevergoedingen. Buiten die wettelijk geregelde vormen van schadevergoeding hebben achtereenvolgens de burgerlijke rechter, de bestuursrechter en (later ook) de bestuurspraktijk een fijnmazig buitenwettelijk stelsel van schadevergoedingsrecht ontwikkeld.