Einde inhoudsopgave
Fiscale geheimhoudingsplicht: art. 67 AWR ontrafeld (FM nr. 168) 2021/1.4.1
1.4.1 Algemeen
Dr. B.M. van der Sar, datum 05-05-2021
- Datum
05-05-2021
- Auteur
Dr. B.M. van der Sar
- JCDI
JCDI:ADS285594:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Informatieverplichting
Invordering / Inlichtingenverplichting
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Voetnoten
Voetnoten
Vertaald naar een eenvoudig voorbeeld: de structurele overschrijding van de maximumsnelheid van 50 km/u kan dat worden voorkomen door of minder hard te rijden (striktere naleving van bestaande norm) of door de maximumsnelheid te verhogen naar 60 of 70 km/u (aanpassing van de bestaande norm).
Van Dijck e.a. 2018, blz. 13 merken op dat er verschillende termen in omloop zijn als analytisch-, normatief-, theoretisch of toetsingskader. Gribnau spreekt van evaluatiecriteria (Gribnau 2006, blz. 27).
Brief Minister van Veiligheid en Justitie van 14 april 2011, Kamerstukken II 2010/11, 29 515, nr. 330. Het IAK is digitaal beschikbaar op https://www.kcwj.nl/kennisbank/integraal-afwegingskader-voor-beleid-en-regelgeving (online, geraadpleegd op 17 december 2018).
Draaiboek voor de regelgeving, nr. 10, https://www.kcwj.nl/kennisbank/draaiboek-voor-de-regelgeving/hoofdstuk-2-formele-wetten-op-voorstel-van-de-regering-n-21 (online, geraadpleegd op 17 december 2018).
De eisen uit de nota Zicht op wetgeving (1991) zijn uitgewerkt in de Aanwijzingen voor de regelgeving (1992) (nota Vertrouwen in wetgeving (2008), blz. 7).
Zie o.a.: W.A. Vermeend, Instrumentalisering van het belastingrecht, WFR 1996/209, Gribnau 2006, blz. 27 e.v., J.L.M. Gribnau, A.O. Lubbers en H. Vording, Verbetering van de kwaliteit van (de uitvoering van) fiscale regelgeving door terugkoppeling, WFR 2009/675, onderdeel 4.1 (uitgebreider: Gribnau & Lubbers 2008, blz. 156 e.v.) en Boer 2013, blz. 33 e.v.
In Hoofdstuk 2 worden de vijf elementen gedefinieerd die voor de geheimhouding van belang zijn (doelstellingen, onderworpen subjecten, object van geheimhouding, fiscale afbakening en als laatste de uitzonderingen en ontheffingen). De hiervoor genoemde knelpunten kunnen grotendeels aan deze elementen worden gerelateerd. Per knelpunt dient te worden beoordeeld of, in hoeverre en op welke wijze deze moet worden aangepakt (lees: striktere naleving van het bestaande (uitvoerings)beleid, meer aandacht voor de norm of het sanctioneren van normschendingen etc.) dan wel of de bestaande norm aangepast zou moeten worden.1 In beide gevallen dient hierbij ook te worden gekeken of en in hoeverre aan betrokkenen (betere) rechtsbescherming kan worden geboden. Mogelijke knelpunten kunnen op een systematische wijze worden behandeld aan de hand van een beoordelingskader.2 Voor dit beoordelingskader is in dit onderzoek voortgeborduurd op de reeds bestaande algemene kaders en de meer specifieke fiscale kaders. Zo wordt door de wetgever bij het maken van nieuw beleid en regelgeving gebruik gemaakt van het zogeheten Integraal afwegingskader voor beleid en regelgeving (IAK).3 In het Draaiboek voor de regelgeving dat onderdeel is van het IAK wordt voorgeschreven dat wetgeving op rechtsstatelijke en bestuurlijke kwaliteit wordt getoetst.4 Hierbij dient, naast het IAK zelf, te worden gekeken naar de kwaliteitseisen voor wetgeving zoals verwoord in de nota Zicht op wetgeving (1991) en de Aanwijzingen voor de regelgeving (1992).5 De meer specifieke fiscale beoordelingskaders hebben veel overlap met de bestaande, algemene beoordelingskaders, maar zijn veelal gericht op de evaluatie van bestaande, materiële belastingwetgeving of de beoordeling van het instrumenteel gebruik van het belastingrecht.6 Een belangrijk fiscaal onderwerp als bijvoorbeeld het draagkrachtbeginsel is evenwel voor de geheimhouding beduidend minder relevant.