Regres bij concernfinanciering
Einde inhoudsopgave
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/5.4.6:5.4.6 Beroep op de onrechtmatige daad
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/5.4.6
5.4.6 Beroep op de onrechtmatige daad
Documentgegevens:
mr. drs. C.H.A. van Oostrum, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. C.H.A. van Oostrum
- JCDI
JCDI:ADS590888:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Benadeelden kunnen de hoofdelijkheid proberen aan te tasten door middel van een actie uit onrechtmatige daad.1 De haalbaarheid hiervan is twijfelachtig, evenals de doelmatigheid van het instrument. Dit geldt in het bijzonder wanneer de curator de hoofdelijke aansprakelijkheid van een failliete vennootschap probeert aan te tasten. Dikwijls zal de faillissementspauliana daar een doeltreffender middel voor zijn. Daarnaast zorgt de relatief zware bewijslast van de onrechtmatige daad ervoor dat het een bewerkelijk instrument is.2
Verder richt het gebruik van de onrechtmatige daad door crediteuren zich meer op schadevergoeding in de vorm van geld, dan op het aantasten van de hoofdelijke aansprakelijkheid. Echter, benadeelde crediteuren kunnen op basis van art. 6:103 BW afstand van de hoofdelijke aansprakelijkheid eisen. Rechters zullen over het algemeen niet snel geneigd zijn een dergelijke vordering toe te wijzen in verband met de ingrijpende gevolgen die dit met zich meebrengt. Gezien het voorgaande volgt dat een beroep op onrechtmatige daad om de hoofdelijke aansprakelijkheid aan te tasten vaak weinig zinvol is.