Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/5.7.2.3.3
5.7.2.3.3 Levering (aandeel in) terrein + oplevering nieuw gebouw
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291640:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
HR 22 maart 2013, nr. 12/02180, BNB 2013/133, m.nt. Van Zadelhoff, r.o. 3.5.1.
In gelijke zin: Van Zadelhoff, noot bij HR 22 maart 2013, nr. 12/02180, BNB 2013/133.
Anders: conclusie A-G Wattel 13 november 2012, nr. 12/02180, BNB 2013/133, punten 8.4 en 8.5 die twee afzonderlijk in aanmerking te nemen handelingen onderkende. De A-G baseerde dit met name op de omstandigheid dat de levering van het appartementsrecht en de bouw van het appartement ook los van elkaar bestaanbaar zijn, zoals naar zijn mening reeds volgt uit het hybride karakter van een koop-/aannemingsovereenkomst. Deze opvatting miskent dat in het hybride karakter van de overeenkomst ook, zoals de hiervoor aangehaalde civielrechtelijke literatuur laat zien, aanleiding kan worden gezien om een onsplitsbare handeling aan te nemen. Deze opvatting staat ook haaks op het Don Bosco-arrest, aangezien ook de in die zaak aan de orde zijnde handelingen - levering van oude gebouwen en de sloop van deze gebouwen - los bestaanbaar zijn. In het (nadien gewezen) Field Fisher Waterhouse-arrest heeft het Hof van Justitie expliciet geoordeeld dat aan het feit dat de handelingen door een derde afzonderlijk verricht kunnen worden geen doorslaggevende betekenis toekomt (HvJ EU 17 september 2012, zaak C-392/11, BNB 2013/4, m.nt. Van Zadelhoff, r.o. 26 (Field Fisher Waterhouse)). De Hoge Raad heeft er vanuit het oogpunt van de richtlijnconformiteit daarom goed aan gedaan om het door de A-G voorgestelde pad niet te bewandelen.
De Hoge Raad heeft de ‘Don Bosco-lijn’ doorgetrokken naar een koop-/aannemingsovereenkomst op grond waarvan de belastingplichtige verkoper zich jegens de koper heeft verbonden tot de levering van een appartementsrecht dat recht geeft op een aandeel in een perceel grond en de oplevering van een nieuw woonappartement. Naar het oordeel van de Hoge Raad laat het Don Bosco-arrest geen andere conclusie toe dan dat de handelingen van de verkoper op grond van deze koop-/aannemingsovereenkomst kwalificeren als één handeling die bestaat in de belaste levering van een nieuw gedeelte van een gebouw met bijbehorend terrein.1 Dit oordeel van de Hoge Raad geldt vanzelfsprekend ook voor koop-/aannemingsovereenkomsten waarvan het koopdeel niet bestaat in de overdracht van een appartementsrecht, maar in de eigendomsoverdracht van een terrein. Ik acht het oordeel van de Hoge Raad juist.2 Net als in de Don Bosco-zaak is bij deze koop-/aannemingsovereenkomsten sprake van een nauwe samenhang tussen de levering van (het aandeel in) de grond en de oplevering van het nieuw (gedeelte van het) gebouw en bestaat het economisch doel van deze handelingen in de levering van een (gedeelte van een) nieuw gebouw.3