Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/15.2.3.2
15.2.3.2 Verlies van overwegende zeggenschap in acting in concert-verband
mr. J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
mr. J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS365145:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II, 2005/06, 30 419, nr. 3, p. 29-30. Vgl. Nieuwe Weme 2004, p. 155.
Zie nader Tucci 2005, p. 193 e.v. die betoogt dat een dergelijke automatische ontbinding niet is toegestaan. Naar Nederlands recht kan dit wel, zowel ten aanzien van de gehele samenwerking als op onderdelen. Om werkzaam te zijn, dat wil zeggen om verval van de biedplicht ten gevolge te hebben, moeten partijen zich ook daadwerkelijk onthouden van verdere uitvoering van de overeenkomst danwel de desbetreffende onderdelen daarvan.
Vgl. Doorman 2008-2, p. 519.
Idem Tucci 2005, p. 195-196.
Anders: Josephus Jitta 2006-2, p. 231 die er – ten onrechte – van uitgaat dat in een concernverband de moeder overwegende zeggenschap kan hebben en haar dochtermaatschappijen niet.
Deze per 1 januari 2013 geldende bepaling strekt tot bevordering van de transparantie en adequate werking van de effectenmarkt, zie Kamerstukken II, 2011/12, 33 236, nr. 3, p. 19 (Wijzigingswet Financiële Markten 2013).
Onduidelijk is of de OK bij niet-nakoming hiervan de sancties genoemd in art. 5:73 lid 2 Wft kan opleggen (§ 16.3.3.3).
Volgens de Memorie van Toelichting is niet van belang op welke wijze het belang tot onder de bieddrempel wordt teruggebracht. Als voorbeeld wordt onder meer genoemd het verbreken van de samenwerking met een andere aandeelhouder.1 Denkbaar is dat partijen daartoe besluiten op het moment dat zij overwegende zeggenschap verwerven, maar het kan ook zo zijn dat de samenwerkingsovereenkomst daarin reeds voorziet.2 Een andere mogelijkheid is het afbouwen van zijn belang door een of meer van de concert parties waardoor het geheel onder de 30% komt.3
Uiteraard moet steeds worden nagegaan of de samenwerking daadwerkelijk is ontbonden c.q. stemrechten zijn overgedragen aan een onafhankelijke derde. Van ontbinding is geen sprake als partijen op gelijke voet blijven samenwerken; in die gevallen moet worden aangenomen dat de gratieregeling buiten toepassing blijft (§ 15.2.3.5).4 Overdracht aan een concert party leidt niet tot verlies van overwegende zeggenschap aangezien de belangen van concert parties wederzijds worden toegerekend (§ 11.4.3). Datzelfde geldt voor intra-groepstransacties: alle groepsmaatschappijen worden onweerlegbaar geacht in onderling overleg te handelen en houden uit dien hoofde allemaal overwegende zeggenschap (§ 15.2.6.2).5
Het verlies van overwegende zeggenschap moet sinds 1 januari 2013 op grond van art. 5:72a lid 2 Wft openbaar worden gemaakt.6 De verplichting tot het doen van voormelde openbare mededelingen kan via de OK worden afgedwongen door de in art. 5:73 lid 1 Wft genoemde personen.7