Einde inhoudsopgave
De geschillenregeling ten gronde (VDHI nr. 108) 2011/VI.4.4
VI.4.4 Het onherroepelijkheidsvereiste vervalt
prof.mr. C.D.J. Bulten, datum 28-04-2011
- Datum
28-04-2011
- Auteur
prof.mr. C.D.J. Bulten
- JCDI
JCDI:ADS377345:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie aanbeveling sub 9, opgenomen in de Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 19.
Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 101-102.
Het vervallen van het onherroepelijkheidsvereiste brengt mee dat ook in art. 997a lid 3 Rv de woorden 'onherroepelijk geworden' vervallen. Zie Kamerstukken 32 426, nr. 2 (Wv), p. 13 en nr. 3(MvT), p. 35. De andere wijziging van art. 997a Rv betreft de aanpassing van een verwijzing.
Met deze regeling is niet voorzien in een breuk met de algemene procesrechtelijke regels van art. 337 Rv over het hoger beroep van tussenvonnissen. Zie ook § VI.3.6.a. In art. 337 lid 2 Wv Flex-BV is hoger beroep van een tussenvonnis (in beginsel) uitgesloten, doch het eerste vonnis in een geschillenregelingpmcedure is deels een eindvonnis. Van dat gedeelte is hoger beroep direct mogelijk, tenzij de wet dit uitsluit, zoals in art. 339 lid 1 Wv Flex-BV (jo. art. 343 lid 1 Wv Flex-BV voor de uittreding) het geval is. Zie ook Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 104.
Idem Frielink (2006), p. 164.
Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 21.
Zie Kamerstukken 31 058, nr. 3 (MvT), p. 107. De minister had inspiratie geput uit art. 3:53 BW over de algemene vernietiging van rechtshandeling (zie lid 2) en art. 6:271 BW over de rechtsgevolgen van de ontbinding van een overeenkomst.
De wijziging die veel tijdwinst zal opleveren, is het schrappen van het vereiste van onherroepelijkheid van de twee vonnissen. De wetgever volgde hiermee een aanbeveling van de Commissie Vennootschapsrecht. Het stroomlijnen van de procedure kon volgens haar worden bereikt door de uitvoerbaarverklaring bij voorraad mogelijk te maken. Ook het instellen van tussentijdse rechtsmiddelen moest worden afgeschaft.1
De wetgever zag dat de geschillenregeling zelden toegepast wordt omdat de gedaagden met het instellen van een rechtsmiddel de zaak ernstig kunnen vertragen. Om de effectiviteit en de bruikbaarheid te vergroten, wordt de onherroepelijkheid van de twee vonnissen niet langer vereist.2 Zowel het vonnis tot toewijzing van de uittreding of de uitstoting alsook het vonnis waarin de prijs is opgenomen, kunnen uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard. In verband hiermee wordt het onherroepelijkheidsvereiste van art. 2:338 lid 2 BW (eerste vonnis) en art. 2:341 lid 1 of 2:343 lid 3 BW (tweede vonnis) geschrapt. De derde zin van art. 2:339 lid 1 BW vervalt zodat de deskundigen direct aan de slag kunnen en zij niet de onherroepelijkheid van het eerste vonnis af dienen te wachten.3
Het eerste vonnis kent behalve de uitvoerbaarheid bij voorraad nog een andere `versnelling van de procedure'. Het tussentijdse hoger beroep tegen dit vonnis waarin de uitstoting of uittreding wordt toegewezen, is in art. 339 lid 1 Wv Flex-BV in beginsel uitgesloten. De rechter kan overigens anders beslissen.4 Tegen de benoeming van deskundigen staat, net als in de huidige geschillenregeling, geen hoger beroep open. De incidentele vordering waarin een voorlopige voorziening is getroffen is daarentegen ex art. 337 lid 1 Rv wél vatbaar voor direct hoger beroep.
Een soortgelijk procesrechtelijke regime kent de uittredingsregeling voor de Caribische delen van het Koninkrijk Het vonnis waarin het uittredingsvonnis wordt toegewezen is 'voorlopig toewijzend' en niet vatbaar voor een hogere voorziening. Slechts tegen het eindvonnis met de prijs van de aandelen (of de afwijzing van de uittredingsvordering) is ex art. 2:252 lid 6 tweede zin BWNA hoger beroep en cassatie mogelijk. Voort is de uitvoerbaarheid bij voorraad van de overdacht toegestaan. De notaris kan in zijn proces-verbaal waarmee de overdracht wordt geconstitueerd, verduidelijken dat er hoger beroep of cassatie is ingesteld. Heeft het instellen van een rechtsmiddel succes, dan brengt de vernietiging van het vonnis waarin de overdracht werd bevolen mee dat de akte niet tot een overdracht heeft geleid. Er ontstaat een vordering uit onverschuldigde betaling 5
De Belgische regeling kent ook de uitvoerbaarheid bij voorraad, omdat de procedure is vormgegeven zoals een kort geding-procedure. De wet bepaalt uitdrukkelijk dat de beslissing van de rechter uitvoerbaar bij voorraad is, zie art. 338/640 (uitstoting) en art. 341/643 (uittreding) W.Venn. Wordt hoger beroep ingesteld en tegelijkertijd de beslissing in eerste aanleg ten uitvoer gelegd, dan mag de verkrijgende aandeelhouder de aandelen niet vervreemden.
De gevolgen van het toestaan van de uitvoerbaarheid bij voorraad van een vonnis waarin de overdracht van de aandelen staat, zijn voor de Nederlandse geschillen-regeling opgenomen in een nieuw art. 341a (jo. art. 343b voor de uittreding) Wv Flex-BV. In de consultatieperiode rees in de praktijk de vraag wat er gebeurde indien dat vonnis in hoger beroep vernietigd werd.6 Viel de titel voor de reeds plaatsgevonden overdracht weg? De minister vond dat vernietiging van de overdracht met terugwerkende kracht bezwaarlijk was. De status van besluiten van de aandeelhoudersvergadering en gedane winstuitkeringen worden dan ook onduidelijk. Het was 'daarom beter om hieromtrent in de wet duidelijkheid te scheppen'.
Lid 1 van art. 341a Wv Flex-BV regelt dat de rechtsgrond voor de handelingen die verricht zijn op grond van een vernietigd vonnis in stand blijft. De rechtszekerheid noopt ertoe dat de levering geldig en onaangetast blijft. Eventueel verrichte handelingen, zoals aandeelhoudersbesluiten, blijven in stand. Er ontstaat voor partijen wel een ongedaanmakingsverbintenis. Bij de vernietiging van een vonnis hebben partijen de plicht de gevolgen van dit vernietigde vonnis ongedaan te maken.
Deze ongedaanmaking kan ook op allerlei bezwaren stuiten. In lid 2 is daarom opgenomen dat de rechter desgevraagd de verplichting tot ongedaanmaking kan beperken of uitsluiten. Eventueel treedt de verplichting tot een uitkering in geld ter vergoeding aan de benadeelde ervoor in de plaats.7 Ik neem aan dat de rechter in hoger beroep bedoeld wordt. De aandeelhouder (of de vennootschap) die vernietiging van het overdrachtsvonnis vordert, zal redenen moeten aandragen waarom de gevolgen van de overdracht bezwaarlijk nog ongedaan gemaakt kunnen worden of waarom de teruggave van de aandelen anderszins onbillijk voorkomt.