Einde inhoudsopgave
Heffingsmethoden, een valse dichotomie? (FM nr. 156) 2019/3.3.4
3.3.4 De hoeveelheid in te vullen gegevens
Dr. H.M. Roose, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
Dr. H.M. Roose
- JCDI
JCDI:ADS441132:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Een andere naam voor (aangifte)rubriek, is ook wel een vraag of een vakje op het aangiftebiljet.
Zie voor vergelijkbare aanpak: Bartel: 1988, p. 7.
Ik heb geen aanwijzingen of aanleiding om te veronderstellen dat dit aantal inmiddels in belangrijke mate is gewijzigd.
Belastingdienst, presentatie ‘Vereenvoudigde en verkorte aangiften Inkomsten- en vennootschapsbelasting’, 24 juni 2010, raadpleegbaar op: www.instantreporting.nl.
Belastingdienst, 2012, p. 6 e.v.
Nominatieve gegevens zijn de gegevens per werknemer.
Ik merk daarbij op dat een werkgever bij aanwezigheid van veel werknemers een aanzienlijke hoeveelheid informatie (voornamelijk nominatieve gegevens) moet aanleveren.
Vergelijkbaar met het vooraf invullen van gegevens door de Belastingdienst zijn de proeven van enkele gemeenten om hun informatiepositie (vooral de juistheid daarvan) zodanig op orde te krijgen dat zij de belastingschuld zo goed mogelijk kunnen formaliseren. Dit betreft proeven in 2011 en 2012 in onder andere de gemeenten Almere, Amersfoort, Sliedrecht, Schijndel en Tilburg. Belastingplichtigen krijgen daarbij vooraf inzage in de gegevens die bij de taxatie voor de WOZ-waarde worden gebruikt. Een belastingplichtige kan vervolgens zelf vooraf aangeven of deze gegevens kloppen en suggesties aandragen voor verbetering, in plaats van achteraf via bezwaar en beroep. Een variant hierop is bijvoorbeeld de gemeente Oisterwijk die woningeigenaren vraagt om vooraf een formulier in te vullen met daarin specifieke informatie over de woning die van belang kan zijn voor de WOZ-waarde (zoals de isolatie, inrichting en afwerking, aanwezige installaties, de onderhoudstoestand en aanwezigheid van asbest).Zie ook http://www.binnenlandsbestuur.nl/financien/nieuws/burgers-stellen-zelf-woz-waarde-vast.3736442.lynkx; geraadpleegd op 3 juli 2018.
Niessen, 2017.
Bij belastingplichtigen met een complexe fiscale positie (te denken valt aan zeer vermogende belastingplichtigen of belastingplichtigen die belangen hebben in (internationale) fiscale bedrijfsstructuren) kan het vooraf invullen van gegevens door de Belastingdienst overigens juist leiden tot meer werk. Als de Belastingdienst moeite heeft met het op de juiste plaats invullen van die gegevens (te denken valt bijvoorbeeld aan aandelenpakketten die al dan niet kwalificeren als aanmerkelijk belang) dan zal de belastingplichtige meer tijd kwijt zijn aan het corrigeren daarvan.
Voor de vraag of er een verschil is tussen aanslag- en aangiftebelastingen met betrekking tot de hoeveelheid gegevens die belastingplichtigen moeten invullen in hun aangiften, ben ik nagegaan uit hoeveel rubrieken een aangifte bestaat.1, 2 Ik doe dat voor de aangiften van vier ‘grote’ belastingen (inkomsten-, vennootschaps-, omzet-, en loonbelastingen) en voor ‘kleinere’ middelen (bankenbelasting en verhuurderheffing). Dit betreft twee aanslagbelastingen en vier aangiftebelastingen. Daarbij merk ik op voorhand op dat van papieren aangiftebiljetten en toelichtingen tegenwoordig nauwelijks meer sprake is (zie hiervoor). In de elektronische aangiften bepalen de antwoorden op sommige vragen of belastingplichtigen ook een of meerdere vervolgvragen moeten beantwoorden. Daardoor is nauwelijks te bepalen wat de maximale omvang is van de door belastingplichtigen in te vullen aangifte. Voor het doel van dit deelonderzoek (een onderlinge vergelijking van de twee heffingsmethoden) acht ik het echter aanvaardbaar om die omvang van die aangiften niet precies te kennen, maar genoegen te nemen met een grove indicatie daarvan. Uit gegevens van de Belastingdienst en eigen onderzoek leid ik het volgende af:
Tabel 1 Aantal aangifterubrieken per belasting
Aangifte
Aantal rubrieken
Inkomstenbelasting
4003
Vennootschapsbelasting
6004
Omzetbelasting
25
Loonheffingen
31 collectieve gegevens5
86 nominatieve gegevens per individuele werknemer6
Bankenbelasting
17
Verhuurderheffing
2
Uit het bovenstaande komt een duidelijk verschil in omvang tussen de verschillende aangiften naar voren. De aangiften van de aanslagbelastingen (inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting) bevatten aanzienlijk meer in te vullen rubrieken dan de aangiftebelastingen (omzetbelasting, loonheffingen7, bankenbelasting en verhuurderheffing). Dit strookt met hetgeen ik hiervoor in paragraaf 3.3.2 schreef, namelijk dat de aangifte bij aangiftebelastingen vooral een toelichting is op de betaling (een soort geleideformulier). Verder wijs ik in dit verband op de hoeveelheid gegevens die de Belastingdienst vooraf invult in aangiften inkomstenbelasting van particulieren. Dat aantal wordt steeds groter, omdat de Belastingdienst over steeds meer gegevens beschikt.8 Het vooraf invullen van gegevens, in combinatie met het elektronisch doen van aangifte, zal voor een groot deel van de belastingplichtigen ontlastend werken.9 Waar zij dat in het verleden eerst zelf moesten doen, verzamelt en vult de Belastingdienst deze gegevens nu voor een belangrijk deel in.10 Dat neemt niet weg dat belastingplichtigen deze gegevens nog steeds moeten beoordelen op juistheid en volledigheid. Dat brengt met zich mee dat ze zelf nog steeds bepaalde gegevens moeten bewaren en opzoeken. In paragraaf 4.4 kom ik uitgebreider terug op de vooraf ingevulde aangifte.