Omzetting van rechtspersonen
Einde inhoudsopgave
Omzetting van rechtspersonen (FM nr. 129) 2008/3.5.4.2:3.5.4.2 Afdoening van het verzoek
Omzetting van rechtspersonen (FM nr. 129) 2008/3.5.4.2
3.5.4.2 Afdoening van het verzoek
Documentgegevens:
Dr. J.L. van de Streek, datum 01-09-2008
- Datum
01-09-2008
- Auteur
Dr. J.L. van de Streek
- JCDI
JCDI:ADS500138:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vennootschapsbelasting (V)
Vennootschapsbelasting / Omzettingsregeling
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Dat constateert ook de redactie van het NTFR in haar aantekening op het besluit in NTFR 2006/413. Met de redactie van NTFR lig ik hier niet wakker van omdat de desbetreffende standaardvoorwaarden reeds volgen uit onderdeel 2 van het Besluit van 9 maart 2006, nr. CPP2005/2571M, VN 2006/15.16, NTFR 2006/413.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Staatssecretaris van Financiën heeft in het Besluit van 9 maart 2006, nr. CPP2005/ 2571M, BNB 2006/146, paragraaf 7 de inspecteur gemachtigd om in een (beperkt) aantal gevallen de verzoeken om een fiscaal begeleide omzetting af te doen, te weten:
de omzetting van een coöperatie in een NV of BV;
de omzetting van een volledig belaste stichting in een NV of BV; en
de omzetting van een volledig belaste vereniging in een NV of BV.
Indien de inspecteur het verzoek zelf afdoet, dient hij de voorwaarden te stellen die volgens de Staatssecretaris van Financiën zijn te vinden in de bijlage bij het Besluit van 9 maart 2006, nr. CPP2005/2571M, BNB 2006/146. Een bijlage ontbreekt echter.1 De overige verzoeken om bij een omzetting art. 28a lid 3 Wet VPB 1969 toe te passen dient de inspecteur door te zenden naar het Ministerie van Financiën. De algemene toestemming om de opgesomde omzettingen zelf af te doen geldt overigens niet indien de inspecteur van mening is dat het verzoek slechts kan worden ingewilligd onder het stellen van aanvullende voorwaarden of dat het verzoek moet worden afgewezen omdat niet voldaan is aan de in de Wet VPB 1969 gestelde eisen dan wel omdat heffing en invordering onvoldoende zijn verzekerd.