Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/5.2.3.6
5.2.3.6 Het voorstel voor een besluit
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649758:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Bij vennootschappen zonder notering kan bij het voorgestelde besluitpunt een ontwerpbesluit worden gevoegd.
Kamerstukken II 2008/09, 31 746, nr. 3 (MvT), p. 24.
Kamerstukken II 2008/09, 31 746, nr. 3 (MvT), p. 8. De minister zegt t.a.p. dat als een aandeelhouder een ontwerpbesluit wil indienen met betrekking tot een onderwerp dat reeds op de agenda staat, hij dit kan doen door gebruik te maken van het in art. 2:117 BW neergelegde spreekrecht. Aangenomen mag daarom worden dat bij de BV ook via het in art. 2:227 BW neergelegde spreekrecht ontwerpbesluiten kunnen worden ingediend t.a.v. reeds in de agenda opgenomen onderwerpen.
Zie over de verhouding tussen amenderingsvoorstellen en ontwerpbesluiten verder par. 2.4.4.3.a.
Als met gebruik van het wettelijke agenderingsrecht wordt verzocht om de behandeling van een onderwerp als besluitpunt, moet het agenderingsverzoek, voor zover het wordt ingediend bij een NV of een BV waarvan (certificaten van) aandelen zijn genoteerd, een voorstel voor een besluit bevatten.1 De minister gaat ervan uit dat een ontwerpbesluit voldoende zal duidelijk maken welk doel de agenderingsgerechtigde wenst te bereiken.2 Dit neemt niet weg dat de agenderingsgerechtigde kapitaalverschaffer er verstandig aan doet om het ontwerpbesluit van een motivering te voorzien, zo schreef ik in par. 5.2.3.3. Het voorstel voor een besluit dient zodanig geformuleerd te zijn dat er een stem vóór of een stem tegen kan worden uitgebracht.
Overigens mag op de voet van art. 2:117 lid 1 BW (jo art. 6 lid 1 onder b Aandeelhoudersrichtlijn) respectievelijk art. 2:227 lid 1 BW ter vergadering door de agenderingsgerechtigde kapitaalverschaffer en iedere andere vergadergerechtigde een ontwerpbesluit worden ingediend.3 Dit recht geldt ten aanzien van elk onderwerp, ongeacht of het tot de besluitvormingsbevoegdheid van de algemene vergadering behoort, en ongeacht of het als een besluit-, beslis- of bespreekpunt in de agenda is opgenomen. De voorzitter van de algemene vergadering hoeft een ter vergadering ingediend ontwerpbesluit niet toe te laten. Art. 6 lid 1 sub b Aandeelhoudersrichtlijn vereist slechts dat aandeelhouders het recht hebben ontwerpresoluties in te dienen, niet dat zij ook het recht hebben te verlangen dat een ontwerpresolutie in stemming wordt gebracht. De voorzitter moet met inachtneming van eventuele statutaire bepalingen hieromtrent en langs de lijnen van art. 2:8 BW bepalen of hij het ingediende ontwerpbesluit toelaat. Bij de beursgenoteerde vennootschap zal de voorzitter zelden een ter vergadering ingediend ontwerpbesluit in stemming brengen. Bij niet-beursgenoteerde vennootschappen is er meer ruimte. Ik licht dit toe.
Een ter vergadering ingediend ontwerpbesluit dat ziet op een agendapunt dat buiten de besluitvormingsbevoegdheid van de algemene vergadering valt, wordt door de voorzitter, ongeacht wat voor een type vennootschap het betreft, niet in stemming gebracht. Een ontwerpbesluit is immers gericht op de totstandkoming van een besluit en besluitvorming door de algemene vergadering over onderwerpen die buiten de besluitvormingsbevoegdheid van de algemene vergadering vallen, is uitgesloten. Evenmin brengt de voorzitter een ingediend ontwerpbesluit in stemming als het ontwerpbesluit ziet op een agendapunt dat weliswaar tot de besluitvormingsbevoegdheid van de algemene vergadering behoort, maar dat als discussiepunt op de agenda staat. De voorzitter is dan gebonden doordat de agenda bepaalt dat slechts discussievoering zal plaatsvinden. Brengt de voorzitter het ontwerpbesluit toch in stemming en wordt deze aangenomen, dan is het besluit vernietigbaar op grond van art. 2:15 lid 1 sub a BW jo art. 2:114/224 lid 2 BW. De agenda gaf immers niet aan dat op het punt besluitvorming zou plaatsvinden. Resteert de categorie ontwerpbesluiten die ter vergadering worden ingediend ten aanzien van agendapunten die tot de besluitvormingsbevoegdheid van de algemene vergadering behoren en die ter formele stemming op de agenda staan. In par. 2.2.2.3 schreef ik dat besluitpunten bij beursvennootschappen altijd een ontwerpbesluit dienen te bevatten. Ontbreekt een ontwerpbesluit dan is een op het besluitpunt genomen besluit vernietigbaar omdat de besluitvorming als niet-aangekondigd heeft te gelden (de omschrijving van het agendapunt is dan ontoereikend). Om die reden kan een tijdens de vergadering van een beursvennootschap ingediend ontwerpbesluit ten aanzien van een agendapunt dat tot de besluitvormingsbevoegdheid van de algemene vergadering behoort en dat ter formele stemming op de agenda staat, in beginsel slechts tot een vernietigbaar besluit leiden. Dit is slechts anders als het ingediende ontwerpbesluit kwalificeert als een amendement. In dat geval dekt het in de agenda opgenomen voorstel ook het ingediende ontwerpbesluit (te weten: het amenderingsvoorstel plus het geamendeerde voorstel), en is er dus geen probleem met de aankondiging.4 Dit neemt evenwel niet weg dat de voorzitter van de algemene vergadering van een beursvennootschap het ontwerpbesluit alsnog niet snel in stemming zal brengen. Zoals ik in par. 2.4.4.5 schreef, is er bij beursvennootschappen meestal namelijk geen ruimte om ter vergadering nog voorstellen te amenderen.
Bij niet-beursgenoteerde vennootschappen ligt het iets anders. Bij deze vennootschappen is het voor een adequate omschrijving van een besluitpunt niet nodig om een ontwerpbesluit in de agenda op te nemen (zie par. 2.2.2.3) Als de agenda ten aanzien van een besluitpunt geen ontwerpbesluit bevat, is er voor de voorzitter meer ruimte om een ter vergadering ingediend ontwerpbesluit in stemming te brengen. Vernietigbaarheid van het besluit doet zich immers minder snel voor.