Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/26.11:26.11 Tot welke hoogte is een aan beide zijden bebouwde muur gemeen
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/26.11
26.11 Tot welke hoogte is een aan beide zijden bebouwde muur gemeen
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS486074:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Ontleend aan Declercq 1998, p. 107.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bezien wij hieronder de volgende tekening.1
De vraag is: tot welke hoogte is de muur gemeen ?
In hoofdstuk 22 heb ik opgemerkt dat, volgens de heersende leer, de muur gemeenschappelijk is tot daar waar het dak van het laagste gebouw aanvangt (vgl. art. 681 lid 1 BW (oud)). Toepassing van deze regel op bovenstaande tekening zou leiden tot een mandelige muur tot punt A. Declercq is evenwel van mening dat de muur tot punt H mandelig is. Ik zou deze redenering willen volgen. Tot punt H wordt door de naburen gebruik gemaakt van essentiele functies van de muur.