Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/19.10.0:19.10.0 Inleiding
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/19.10.0
19.10.0 Inleiding
Documentgegevens:
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS408028:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Nu in hoofdstuk 17 en 18 is geconcludeerd dat de formele uitkeringsregels en de faillissementspauliana niet altijd effectieve instrumenten blijken om samengestelde vermogensonttrekkingen door aandeelhouders te normeren, komt de vraag op welke rol de onrechtmatige daad hierbij zou kunnen spelen. De onrechtmatige daad is in die zin een flexibeler leerstuk, dat het gevolg van de normschending (het vergoeden van de schade) beter kan worden afgestemd op de omstandigheden van het geval dan bij de pauliana (vernietiging van de rechtshandeling) of bij art. 2:216 lid 3 BW (terugbetaling van het dividend). Daar komt bij dat een beoordeling in het licht van de onrechtmatige daad meer ruimte biedt om het handelen van de aandeelhouder te beoordelen op zijn daadwerkelijke merites, zonder dat de juridische structuur van de transactie daaraan noodzakelijkerwijs in de weg hoeft te staan. Hierna zal dit worden geïllustreerd door te bezien in hoeverre aandeelhouders op grond van art. 6:162 BW aansprakelijk kunnen zijn vanwege hun betrokkenheid bij een LBO.