Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/8.3.4.2
8.3.4.2 De advocaat van de gemeente en de schijn van partijdigheid
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS701991:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
ABRvS 28 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2582, AB 2016/399 (Overzichtsuitspraak planschade), r.o. 8.2.
Ik verwacht in datzelfde kader zeer binnenkort een uitspraak van de Raad van Discipline Amsterdam waarin het tuchtcollege paal en perk zal gaan stellen aan de dubbele pet van advocaat en extern, onafhankelijk feitenonderzoeker naar bijvoorbeeld fraude of andere misstanden. Zie in dat kader Leijten & Basir, NRC 26 juli 2022.
ABRvS 23 oktober 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE9184 (Schadebeoordelingscommissie Rijssen) r.o. 2.2.
Van Heijst, BR 2015/27; Van Ravels, Ars Aequi 2010/7-8, p. 548.
ABRvS 17 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4570, BR 2015/27 (Helmond I), r.o. 4.2.
ABRvS 13 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1970, AB 2016/454 (Raalte).
ABRvS 13 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1970, AB 2016/454 (Raalte), r.o. 4.3.
Zie over deze laatste aanscherping uitgebreid: Huijts, AB 2016/454. Huijts stelt zich onder andere de vraag waarom de Afdeling niet volledig uitsluit dat een advocaat in een latere fase als adviseur kan optreden. Volgens hem – en ik deel die mening – lijkt het nu vooral aan te komen op de interpretatie van ‘betrekkelijk kort’.
Rb. Overijssel 12 augustus 2016, ECLI:NL:RBOVE:2016:3143, r.o. 5.2.
Van Heijst, BR 2015/27; Heinen, 2015/34.
De Afdeling bestuursrechtspraak geeft in bovengenoemde rechtsoverweging uit de overzichtsuitspraak direct een voorbeeld van hoe de schijn van partijdigheid kan worden gewekt. De Afdeling overweegt:
“De schijn van partijdigheid kan worden gewekt door een deskundige die in het ene geval door een bestuursorgaan wordt ingeschakeld om een onafhankelijk advies uit te brengen, terwijl deze deskundige of anderen die van hetzelfde samenwerkingsverband deel uitmaken, gelijktijdig of betrekkelijk kort voorafgaande aan de verlening van de opdracht tot advisering als deskundige, in een of meer andere gevallen hetzelfde bestuursorgaan, de rechtspersoon waartoe het bestuursorgaan behoort of andere organen die deel uitmaken van dezelfde rechtspersoon, als advocaat of gemachtigde heeft, respectievelijk hebben bijgestaan of geadviseerd.”1
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dus een duidelijke grens aan de samenloop tussen advocaat en (plan)schadeadviseur. Een advocaat mag niet gelijktijdig of betrekkelijk kort voorafgaande aan een optreden als adviseur het bestuursorgaan (of andere organen van dezelfde rechtspersoon) als advocaat bijstaan. Gebeurt dat wel dan is de schijn gewekt dat de adviseur niet onpartijdig is. Dat een rol als advocaat niet goed samengaat met een rol als onafhankelijk adviseur klinkt heel logisch.2
Toch heeft de Afdeling bestuursrechtspraak geworsteld met de dubbele pet van advocaat en schadeadviseur. In 2002 achtte zij het nog toelaatbaar dat de huisadvocaat van de gemeente Rijssen tevens voorzitter was van de planschadeadviescommissie. Kernoverweging daarbij was dat de advocaatwerkzaamheden niet in relatie stonden tot de betreffende planschadezaak.3 In 2014 is de Afdeling teruggekomen op deze – in de doctrine als ongelukkig bestempelde – uitspraak.4 In die uitspraak (Helmond I) was een advocatenkantoor, op grond van de gemeentelijke planschade-verordening, als planschadeadviseur aangewezen. Het advocatenkantoor werd door de gemeente echter ook af en toe als advocaat ingeschakeld. De Afdeling introduceerde de norm van de schijn van partijdigheid en overwoog dat de schijn van partijdigheid kan worden gewekt doordat een adviseur in het ene geval door het bestuursorgaan wordt ingeschakeld om een onafhankelijk advies uit te brengen, terwijl zij gelijktijdig of nagenoeg gelijktijdig in een ander geval door hetzelfde bestuursorgaan wordt ingeschakeld om zijn belangen te behartigen of als gemachtigde op te treden.5
In de uitspraak Raalte bevestigt de Afdeling bestuursrechtspraak vervolgens de norm zoals zij die in Helmond I heeft neergelegd en komt zij tot de huidige formulering.6 In die zaak verrichtte een lid van de planschadeadviescommissie zowel voorafgaand als gelijktijdig advocaatwerkzaamheden voor de betreffende gemeente. De Afdeling overwoog dat de schijn van partijdigheid ook kan worden gewekt door een adviseur die in het ene geval door een bestuursorgaan wordt ingeschakeld om een onafhankelijk advies uit te brengen, terwijl deze adviseur of anderen die van hetzelfde samenwerkingsverband deel uitmaken, gelijktijdig of betrekkelijk kort voorafgaande aan de verlening van de opdracht tot advisering als deskundige, in een of meer andere gevallen hetzelfde bestuursorgaan, de rechtspersoon waartoe het bestuursorgaan behoort of andere organen die deel uitmaken van dezelfde rechtspersoon, als advocaat of gemachtigde heeft, respectievelijk hebben bijgestaan of geadviseerd.7
De uitspraak Raalte bevat vier aanscherpingen ten opzichte van Helmond I. Ten eerste kan er al sprake zijn van de schijn van partijdigheid indien uitsluitend kantoorgenoten van de planschadeadviseur als advocaat van het betreffende overheidslichaam zijn opgetreden. Ten tweede maakt het voor de schijn van partijdigheid niet uit of de advocaat (of zijn kantoor) een exclusieve relatie met de gemeente had, ook eenmalige werkzaamheden volstaan. Ten derde kan de schijn ook worden gewekt indien de advocaatwerkzaamheden voor andere organen van dezelfde rechtspersoon zijn verricht. En tenslotte, ten vierde, is de tijdspanne verandert in ‘gelijktijdig of betrekkelijk kort’ waar dit in Helmond I nog ‘gelijktijdig of nagenoeg gelijktijdig’ was.8 Richtinggevende uitspraken over wat eronder ‘betrekkelijk kort’ moet worden verstaan ontbreken nog. In ieder geval is in de lagere rechtspraak een gat van twee jaar als te kort bestempeld.9
Het moge duidelijk zijn: de rol van advocaat, als partijdig belangenbehartiger gaat niet samen met de rol van onafhankelijk (plan)schadeadviseur. In de literatuur is de terechte vraag opgeworpen hoe dat zit voor andere situaties waarin een partijdige adviesrol wordt gecombineerd met de rol van onafhankelijk adviseur?10 Anders gevraagd: reiken de uitspraken Helmond I en Raalte verder dan de samenloop tussen advocaat en (plan)schadeadviseur?