Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/6.5.2:6.5.2 De aansprakelijkheid bij de OV/OVR: artikel 7:813 Wetsvoorstel Titel 7.13
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/6.5.2
6.5.2 De aansprakelijkheid bij de OV/OVR: artikel 7:813 Wetsvoorstel Titel 7.13
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS401472:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 7:813 Wetsvoorstel Titel 7.13 heeft betrekking op de aansprakelijkheid van de vennoten jegens derden. Het artikel ziet niet op de onderlinge verhouding van de vennoten en heeft dus geen betekenis voor de vraag of tussen de vennoten een regresmogelijkheid bestaat. Uit de formulering van de bepaling blijkt dat de bepaling van dwingend recht is. Omdat de verhouding tot derden in het geding is, heeft deze bepaling een dwingendrechtelijk karakter. Ter bescherming van hun belangen moet het niet mogelijk zijn in de overeenkomst van vennootschap met afwijkende bepalingen over de aansprakelijkheid aan de bescherming van deze derden afbreuk te doen.1 In verbintenissen met derden zelf, mag overigens hiervan wel worden afgeweken. Dat is gelet op wat gebruikelijk onder 'dwingend recht' wordt verstaan wel opmerkelijk. Het artikel ziet niet op een onbevoegd handelend vennoot. Ten aanzien van die vennoot gelden dan de regels die in het Burgerlijk Wetboek 3 zijn gegeven (zie: artikel 3:70 in verbinding met 3:78 BW).2
Artikel 7:813 Wetsvoorstel Titel 7.13 luidt als volgt:
(1) De vennoten van een openbare vennootschap zijn hoofdelijk verbonden voor de verbintenissen van de vennootschap.
(2)Indien een openbare vennootschap een opdracht heeft ontvangen, is ieder van de vennoten voor het geheel aansprakelijk ter zake van een tekortkoming in de nakoming, tenzij de tekortkoming niet aan hem kan worden toegerekend.
(3)De vennoten van een stille vennootschap zijn voor de verbintenissen van de vennootschap die een deelbare prestatie betreffen, ieder voor een gelijk deel verbonden, tenzij in de overeenkomst met de derde is bepaald dat zij voor ongelijke delen of hoofdelijk verbonden zijn.