Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/13.8.3.2
13.8.3.2 Internationaliteitsvereiste
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS416849:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Par. 5.2.
Zie hierover: Rb. Rotterdam 27 juni 2002, NIPR 2002, 288.
Rb. Rotterdam 27 juni 2002, NIPR 2002, 288; anders: Killias, Festschrift fiir Kurt Siehr, p. 69.
AG Lenz voor HvJ EG 29 juni 1994, zaak C-288/92, Custom/Stawa, Jur. 1994, p.1-2913, NJ 1995, 221, par. 91; HvJ EG 20 februari 1997, zaak C-106/95, MSG/Les Gravières, Jur. 1997, p. 1-941, NJ 1998, 565, r.o. 22. Mezger, Les Grandes Lignes, p. 27 verwijst naar het Verdrag van Genève betreffende handelsarbitrage dat in art. 1 sub 1 (a) als voorwaarde voor internationale handelsarbitrage stelt dat partijen ten tijde van het sluiten van de overeenkomst woonplaats hebben in verschillende verdragsluitende staten; TVVS 1997, p. 224; Rb. Zutphen 16 maart 1989, NIPR 1991, 240; Rb. 's-Gravenhage 8 augustus 1990, NIPR 1992, 267; Rb. Arnhem 24 december 1992, NIPR 1993, 300; Hof Amsterdam 9 februari 1995, NIPR 1996, 112; Hof 's-Hertogenbosch 4 september 1997, NJ 1998, 578; Rb. Haarlem 22 december 1998, NIPR 1999, 84; Rb. Rotterdam 22 november 2001, NIPR 2002, 130; Kropholler, EZPR, p. 236, nr. 49.
Killias, Festschrift fiir Kurt Siehr, p. 70; Kropholler, EZPR, p. 296, nr. 54.
AG Lenz voor HvJ EG 29 juni 1994, zaak C-288/92, Custom/Stawa, Jur. 1994, p. 1-2913, NJ 1995, 221, par. 91; HvJ EG 16 maart 1999, zaak C-159/97, Castelletti/Trumpy, zaak C-159/97, Jur. 1999, p. 1-1649, NJ 2001, 116, r.o. 22 e.v.; Rb. Maastricht 7 juni 1990, NIPR 1992, 272; Rb. Rotterdam 24 augustus 1990, S&S 1992, 14, NIPR 1992, 279; Rb. Rotterdam 17 juni 1994, S&S 1994, 115, NIPR 1995, 289; Rb. Rotterdam 2 september 1994, NIPR 1995, 290; Rb. Rotterdam 29 januari 1998, NIPR 2000, 208; CA Noumea 12 augustus 1982, Serie D I-17.1.2.-B 25 (Detail is dat de vertrekhaven (Le Havre) en de aankomsthaven (Noumea) beide Frans zijn en de verweerder betoogde dat de vervoerovereenkomst niet internationaal was); Kropholler, EZPR, p. 298, nr. 54.
Kropholler, EZPR, p. 296, nr. 54.
Killias, Festschrift fiir Kurt Siehr, p. 70; CA Noumea 12 augustus 1982, Serie D I-17.1.2.-B 25; anders: Kropholler, EZPR, p. 298, nr. 54.
Gaudemet-Tallon, Les Conventions, p. 91 met verwijzing naar Kohler.
Rapport Schlosser, PbEG p. C 59/125.
Het begrip 'internationaal' knoopt aan bij de overeenkomst en niet de partijen. De partijen bij de overeenkomst en hun ondernemingsactiviteiten behoeven derhalve niet internationaal te zijn georiënteerd. Voor een forumkeuze die in deze vorm gesloten wordt, geldt derhalve expliciet het internationaliteitsvereiste. Het internationaliteitsvereiste is een voorwaarde voor de geldigheid van de vorm van de forumkeuze. Aannemende dat EEX-V°Nerdrag alleen van toepassing is in internationale gevallen, is de internationaliteit die deze bepaling voorschrijft, een overbodig vereiste. Uit de préambule van het Verdrag vloeit de internationaliteit reeds voort. Een dergelijke verwijzing ontbreekt in de préambule van de EEX-V°. Niettemin wordt vaak aangenomen dat ook de EEX-V° alleen betrekking heeft op internationale gevallen.1 Het internationale karakter dient echter ruim te worden geïnterpreteerd.2 Het is niet noodzakelijk dat partijen woonplaats hebben in verschillende (EG c.q. verdragsluitende) staten.3 Hebben partijen woonplaats in verschillende EG c.q. verdragsluitende staten, dan lijkt overigens in ieder geval aan het 'internationale' karakter te zijn voldaan.4 Evenmin is vereist dat het gaat om grensoverschrijdende leveringen.
Maar ook hiervoor geldt dat bij grensoverschrijdende leveringen of diensten,5 of grensoverschrijdend vervoer6 en grensoverschrijdende chartering van schepen7 de handel internationaal is. Ook is aan de voorwaarde van internationaliteit voldaan, indien sprake is van verschillende nationaliteiten of van rechtspersonen die in verschillende staten actief zijn.8 Sommige auteurs menen dat deze vorm slechts betrekking heeft op overeenkomsten die in de handel of een handelsbranche worden gesloten die overwegend internationaal is, zoals zeevervoer en de handel in sommige grondstoffen.9 Deze lezing lijkt mij onjuist, omdat daardoor art. 23 lid 1 sub c EEX-V°/17 lid 1 sub c Verdrag grotendeels van zijn betekenis wordt beroofd. Er bestaan slechts weinig branches die daadwerkelijk internationaal zijn. Bovendien volgt deze lezing niet uit het Rapport Schlosser dat nadrukkelijk stelt dat deze vorm een versoepeling van de internationale handel (zonder beperking tot bepaalde markten) beoogt.10Een enge opvatting over internationale handel verdraagt zich hier niet mee. Indien het internationaliteitsvereiste is vervuld, is de overeenkomst waarop de forumkeuze betrekking heeft internationaal en kan de forumkeuze tot stand komen volgens 23 lid 1 sub c EEX-V°/17 lid 1 sub c Verdrag