Betrouwbaar getuigenbewijs
Einde inhoudsopgave
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/5.3.1.2:5.3.1.2 Gezamenlijk construeren
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/5.3.1.2
5.3.1.2 Gezamenlijk construeren
Documentgegevens:
Mr. Dr. M.J. Dubelaar, datum 01-12-2013
- Datum
01-12-2013
- Auteur
Mr. Dr. M.J. Dubelaar
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de context van het verhoor ligt de regie in beginsel bij de verhorende ambtenaar. Hij geeft niet alleen sturing aan het verloop van het verhoor maar ook aan de inhoud van de af te leggen verklaring. De verhoorder is geen passieve ontvanger maar geeft samen met de getuige de verklaring vorm. Dit doet hij door de vragen die hij stelt. Hij bepaalt tot op grote hoogte hoe diep op bepaalde zaken wordt ingegaan en welke thema’s allemaal aan bod komen. Hij doet daarbij meer dan het bewegen van de getuige tot het reproduceren van relevante informatie uit zijn geheugen. De verhoorder geeft mede betekenis aan de gebeurtenissen waarover wordt verklaard door samen met de getuige te reconstrueren wat er is gebeurd en hoe de gebeurtenissen juridisch bezien kunnen worden geduid.1
De mate waarin de verhoorder bijdraagt aan de reconstructie van de herinneringen van de getuige en het construeren van de verklaring, wordt mede bepaald door het type vragen dat wordt gesteld. Verhoorders hebben de opdracht om bij voorkeur open vragen te stellen en suggestie zoveel mogelijk te vermijden. Zij moeten echter ook zoveel mogelijk relevante informatie verzamelen en de getuige helpen zich bepaalde zaken te herinneren door het aandragen van geschikte ophaalaanwijzingen. Het is lastig omvragen te stellen zonder daarmee informatie weg te geven. De ophaalaanwijzing die in de vraag is neergelegd, moet namelijk voldoende specifiek zijn om het geheugen te activeren. Een neutrale ophaalaanwijzing in de vorm van ‘wat is er gebeurd op zondag 13 januari?’ zal minder effect hebben dan een specifieke ‘wat kunt u vertellen over het schietincident op het Marconiplein van twee weken geleden?’2 Daar komt bij dat de antwoorden op open vragen vaak niet de mate van detail bevatten die van de getuige wordt verlangd.3 Het aandragen van bepaalde kennis door de formulering is vooral problematisch als de getuige niet uit eigen hoofde met deze informatie bekend was, deze nog ter discussie staat of met de gestelde vraag reeds een interpretatie van de gebeurtenissen wordt gegeven die niet overeenkomt met de werkelijkheid. Horselenberg en collega’s stellen in dit verband dat ‘hoe meer informatie er in de gestelde vragen besloten ligt, hoe meer men zich kan afvragen van wie het gereconstrueerde verhaal afkomstig is’.4
De verhoorder heeft voorts een belangrijke rol in het optekenen van de verklaring, waarmee het constructieve karakter wordt benadrukt. Hier wordt in de volgende paragraaf nader aandacht aan besteed.