Betrouwbaar getuigenbewijs
Einde inhoudsopgave
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/13.1:13.1 Inleiding
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/13.1
13.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. Dr. M.J. Dubelaar, datum 01-12-2013
- Datum
01-12-2013
- Auteur
Mr. Dr. M.J. Dubelaar
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit laatste hoofdstuk wordt antwoord gegeven op de centrale vraag van dit onderzoek en wordt besproken welke conclusies uit de resultaten van het onderzoek kunnen worden getrokken met het oog op de toekomst. De centrale vraag luidde als volgt.
Vormen bestaande wetenschappelijke inzichten en de huidige strafrechtspraktijk aanleiding om de wijze van totstandkoming en waardering van getuigenverklaring in het Nederlandse strafproces nader te normeren of aan te passen ten behoeve van de waarheidsvinding en zo ja, op welke wijze?
Om tot een antwoord te komen op de centrale vraag is in deel I van dit boek een inventarisatie gemaakt van inzichten omtrent de totstandkoming en waardering van getuigenverklaringen vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines. De bevindingen uit het eerste deel leverden het perspectief op voor de analyse van het Nederlandse stelsel van strafvordering in deel II en de beschrijving van de uitvoeringspraktijk in deel III van dit onderzoek. In dit vierde deel wordt gekeken welke consequenties moeten worden verbonden aan de bevindingen uit de drie voorafgaande delen. Daartoe worden allereerst de bevindingen uit de eerdere delen samengevat (§ 13.2) en wordt bezien of die aanleiding geven tot het doen van aanpassingen (§ 13.3). Vervolgens wordt gekeken welke type veranderingen en aanpassingen met het oog op de betrouwbaarheid van getuigenbewijs kunnen worden overwogen en wordt een aantal concrete aanbevelingen gedaan (§ 13.4).