Fiscaal overgangsbeleid
Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/9.1:9.1 Inleiding
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/9.1
9.1 Inleiding
Documentgegevens:
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS411322:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hfdst. 4 heb ik drie formele beginselen van behoorlijk overgangsbeleid geïntroduceerd. Deze beginselen hebben betrekking op de bekendmaking, de duidelijkheid en de realiseerbaarheid van overgangsrecht. De formele beginselen stellen geen voorwaarden aan de keuze voor een bepaald overgangsregime, doch zorgen ervoor dat de materiële beginselen van behoorlijk overgangsbeleid kunnen worden verwezenlijkt. Voor een goede werking van het beginsel van gerechtvaardigde verwachtingen is het bijvoorbeeld noodzakelijk dat overgangsrecht op een behoorlijke wijze wordt bekendgemaakt (par. 9.2) en dat duidelijkheid over de inhoud van het overgangsrecht bestaat (par. 9.3). Om überhaupt een beroep te kunnen doen op het door middel van toepassing van de materiële beginselen van behoorlijk overgangsbeleid tot stand gekomen overgangsregime dienen overgangsmaatregelen realiseerbaar te zijn (par. 9.4).
Naast de formele beginselen van behoorlijk overgangsbeleid besteed ik in dit hoofdstuk aandacht aan de betrouwbaarheid van de overheid (par. 9.5). De wens dat de overheid als betrouwbaar bekend staat, is van belang voor het goed functioneren van de formele beginselen van behoorlijk overgangsbeleid en de in par. 5.2 geïntroduceerde ‘rationele-verwachtingentheorie’ inhoudende dat belastingplichtigen worden geacht voor zover mogelijk te anticiperen op wetswijzigingen.
Het hoofdstuk wordt in par. 9.6 afgesloten met een conclusie.