De grenzen van het recht op nakoming
Einde inhoudsopgave
De grenzen van het recht op nakoming (R&P nr. 167) 2008/5.2.1:5.2.1 Inleiding
De grenzen van het recht op nakoming (R&P nr. 167) 2008/5.2.1
5.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. D. Haas, datum 02-12-2008
- Datum
02-12-2008
- Auteur
mr. D. Haas
- JCDI
JCDI:ADS382366:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de rol van het toerekeningsgezichtspunt bij de beoordeling of nakoming al dan niet in redelijkheid van de schuldenaar kan worden gevergd, par. 6.3.6.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De algemene mening in de literatuur is dat een beroep op overmacht aan een veroordeling tot nakoming in de weg staat, maar dat er schaarse uitzonderingen zijn waarin dit niet het geval is. Naar mijn mening is er echter zelfs voor schaarse uitzonderingen geen plaats en dient het beroep op overmacht steeds te worden beschouwd als een volwaardig verweermiddel tegen de vordering tot nakoming.1 In par. 5.2.2 beschrijf ik de invulling van het overmachtsbegrip naar Nederlands recht en geef ik aan dat overmacht steeds een verhindering vooronderstelt die aan een veroordeling tot nakoming in de weg staat. In par. 5.2.3 bespreek ik enkele gevallen waarin het verhinderingsbestanddeel van het overmachtsbegrip niet direct duidelijk is. In par. 5.2.4 behandel ik de betekenis van overmacht op het recht op herstel en vervanging bij koop. In par. 5.2.5 sluit ik af met een samenvattende conclusie.