Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
Einde inhoudsopgave
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/10.4:10.4 De antimisbruikbepalingen
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/10.4
10.4 De antimisbruikbepalingen
Documentgegevens:
Mr. dr. G.C. van der Burgt, datum 29-11-2021
- Datum
29-11-2021
- Auteur
Mr. dr. G.C. van der Burgt
- JCDI
JCDI:ADS491630:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
10.4.1 Inleiding en plan van behandeling10.4.2 Het toetsingskader nader geconcretiseerd in relatie tot oneigenlijk gebruik10.4.3 De kern van de antimisbruikbepalingen10.4.4 Het verkrijgen van zekerheid vooraf in relatie tot de antimisbruikbepalingen10.4.5 In overwegende mate gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing (hoofdtoets)10.4.6 De aan- of afwezigheid van zakelijke overwegingen (misbruikvermoeden)10.4.7 Vervreemding van aandelen binnen de driejaarstermijn (onzakelijkheidsvermoeden)10.4.8 De antimisbruikbepalingen en de ‘verschillende wegen-leer’10.4.9 De Duitse antimisbruikmaatregel bij splitsingen