Fiscaal overgangsbeleid
Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/11.2:11.2 Zorg ervoor dat wetswijzigingen voorzienbaar en kenbaar zijn
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/11.2
11.2 Zorg ervoor dat wetswijzigingen voorzienbaar en kenbaar zijn
Documentgegevens:
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS419892:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De voorzienbaarheid van wetswijzigingen speelt een centrale rol binnen dit onderzoek. Als een wetswijziging volledig voorzienbaar is, mogen belastingplichtigen er vanaf dat moment niet meer op vertrouwen dat de oude regel blijft voortbestaan. In par. 5.6 heb ik een aantal gebeurtenissen uitgewerkt die ertoe kunnen leiden dat een wetswijziging in een bepaalde mate voorzienbaar is geworden. Ten aanzien van de volgende gebeurtenissen concludeerde ik dat zij ertoe leiden dat een wetswijziging volledig voorzienbaar is:
het verschijnen van een publicatie van richtlijnen Raad van de Europese Unie;
het verschijnen van de aankondiging van een onderzoek van de Europese Commissie in het Publicatieblad;
een wetswijziging die declaratief is;
de aankondiging van wetgeving bij persbericht;
een wetswijziging in de loop van het wetgevingsproces;
de aanname van een wetsvoorstel door de Tweede Kamer.
In par. 10.2.4 concludeerde ik dat verwachtingen die zijn ontstaan ná het voorzienbaar worden van een wetswijziging niet kunnen leiden tot maatschappelijk terugwerkende kracht. Dit betekent dat bij een belastende wetswijziging voor verwachtingen die zijn ontstaan ná het voorzienbaar worden van een wetswijziging op grond van het beginsel van eerbiediging van gerechtvaardigde verwachtingen geen overgangsmaatregel behoeft te worden getroffen. De ‘bestaande toestanden’ waarvoor een overgangsmaatregel wordt getroffen zijn dan niet de situaties die bestaan op het inwerkingtredingsmoment, maar de situaties die bestaan op het werkingsmoment. Dit levert een besparing op in de kosten van een overgangsregime. Gelet hierop, is het in het algemeen belang ervoor te zorgen dat een wetswijziging in een zo vroeg mogelijk stadium volledig voorzienbaar is. De kosten van het overgangsregime dat op grond van de beginselen van behoorlijk overgangsbeleid gewenst is, kunnen hiermee namelijk worden beperkt. Als een wetswijziging slechts gedeeltelijk voorzienbaar is, kan gehele of gedeeltelijke compensatie van de aanwezige verwachtingen in beginsel namelijk wel wenselijk zijn.
Naast voorzienbaarheid van een wetswijziging is ook kenbaarheid van belang.
Als burgers een wetswijziging verwachten, doch niet weten wat de inhoud van die wetswijziging zal zijn, kunnen zij niet optimaal op deze wetswijziging anticiperen. Kenbaarheid heeft in dit verband zowel betrekking op de inhoud van de nieuwe materiële regel als op de inhoud van het overgangsrecht (par. 5.2.2.1 en 5.2.2.2). Ten einde tot volledige voorzienbaarheid én kenbaarheid te kunnen concluderen, moet een persbericht, het bij de Tweede Kamer in te dienen wetsvoorstel of een wetswijziging die in de loop van het wetgevingsproces aan een wetsvoorstel wordt toegevoegd aan de volgende eisen voldoen:
de inhoud van de wetswijziging moet duidelijk zijn;
de inwerkingtredingsdatum van het wetsvoorstel dient bekend te zijn; inwerkingtreding door middel van een koninklijk besluit wijs ik in dit verband af (par. 9.3.1);
duidelijk moet zijn in welke werkingsregel wordt voorzien en wat het aanknopingspunt is voor werking (par. 2.8 en 9.3.2);
in het wetsvoorstel moet duidelijk worden vermeld of, en zo ja, welke overgangsmaatregelen worden getroffen (par. 9.3.3).
Als een wetswijziging voorzienbaar en kenbaar is, kunnen belastingplichtigen – indien mogelijk – op deze wijziging anticiperen. Als zij objectief beschouwd het nadeel van een wetswijziging op deze wijze kunnen voorkomen, hoeven zij geen direct nadeel van een wetswijziging te ondervinden. Dit is de lastenverzwaring waarmee belastingplichtigen ten gevolge van de wetswijziging worden geconfronteerd. In dat geval geeft het beginsel van eerbiediging van gerechtvaardigde verwachtingen geen aanleiding tot het treffen van een begunstigende overgangsmaatregel. Ondanks dat sprake is van maatschappelijk terugwerkende kracht, behoeven verwachtingen in beginsel niet beschermd te worden als belastingplichtigen het nadeel van een wetswijziging hadden kunnen voorkomen. Van belang is echter wel te onderkennen dat er factoren kunnen zijn die anticipatie kunnen verstoren (zie par. 10.3.2.1).
De voorzienbaarheid van een wetswijziging kan ook gevolgen hebben voor de omvang van de indirecte schade die belastingplichtigen van een wetswijziging ondervinden. Ook bepaalt zij vanaf welk moment die schade in kan treden. Indirecte schade is de schade die ontstaat door waardeveranderingen. Vanaf het moment dat belastingplichtigen een wetswijziging verwachten, zullen zij proberen hierop te anticiperen. Dit betekent dat waardeveranderingen direct vanaf het moment van voorzienbaar worden kunnen intreden. Als voorzienbaar is dat een begunstigende overgangsmaatregel wordt getroffen, kunnen waardeveranderingen worden gedempt (par. 5.2.4.2).