Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars
Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/5.7.7:5.7.7 Conclusie
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/5.7.7
5.7.7 Conclusie
Documentgegevens:
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949900:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het recht op maatschappijwinstdeling van een polishouder kan beschouwd worden als een recht dat na de juridische fusie niet meer te realiseren valt. De wijze van berekening van de winstdeling zal na de juridische fusie immers waarschijnlijk niet op gelijke wijze kunnen worden voortgezet. De verzekeraar kan er ten aanzien van polishouders met recht op maatschappijwinstdeling voor kiezen om bij de juridische fusie een gelijkwaardig recht in de zin van art. 2:320 BW toe te kennen. Al met al dringt zich op grond van jurisprudentie over dergelijke situaties wel de conclusie op dat het voor de toepassing van het recht op maatschappijwinstdeling na een transactie uiteindelijk toch weinig verschil maakt of er sprake is van (i) een juridische fusie waarbij aan degenen met recht op maatschappijwinstdeling een gelijkwaardig recht wordt toegekend in de zin van art. 2:320 BW, (ii) een juridische fusie waarbij de rechten van degenen met recht op maatschappijwinstdeling onder algemene titel overgaan op de verkrijgende verzekeraar, omdat er aan hen geen gelijkwaardig recht in de zin van art. 2:320 BW wordt toegekend, of (iii) een “gewone” portefeuilleoverdracht waarbij de rechten van de polishouder “gelijk” blijven. Aangenomen mag worden dat het er al met al steeds om zal gaan wat de desbetreffende polishouders op grond van uitleg van de oorspronkelijke bepalingen over maatschappijwinstdeling mogen verwachten. Een polishouder met het recht op maatschappijwinstdeling deelt na de transactie in beginsel in winst die kan worden toegerekend aan de verzekeringsportefeuille waarover de winstdeling oorspronkelijk ook werd berekend. Dit kan worden beschouwd als het gevolg van toepassing van het Haviltex-arrest. Ook bij de berekening van de winst die aan die verzekeringsportefeuille met maatschappijwinstdeling valt toe te rekenen, zal de jurisprudentie over uitleg het kompas moeten zijn waarop de verzekeraar vaart.