Einde inhoudsopgave
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/II.3.3.4.1.a
Het verhoor en lekkage
mr. D.A.G. van Toor, datum 22-02-2017
- Datum
22-02-2017
- Auteur
mr. D.A.G. van Toor
- JCDI
JCDI:ADS453158:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
J.A. Podlesny, ‘A Paucity of Operable Case Facts Restricts Applicability of the Guilty Knowledge Technique in FBI Criminal Polygraph Examinations’, Forensic Science Communications, 2003, 3. https://archives.fbi.gov/archives/about-us/lab/forensic-sciencecommunications/fsc/july2003/podlesny.htm, laatst geraadpleegd op 16 februari 2017 en E. Elaad, ‘Validity of the CIT in realistic contexts’, in: B. Verschuere, G. Ben-Shakhar & E. Meijer (eds.), Memory Detection: Theory and Application of the Concealed InformationTest, Cambridge: Cambridge University Press 2011, p. 178.
Er bestaan meer redenen om op deze manier om te gaan met verhoren. Dubelaar beargumenteert dat een verbatim uitwerking en/of een opname van het verhoor ook een belangrijke verbetering kan zijn om de betrouwbaarheid van getuigenverklaringen vast te stellen. M.J. Dubelaar, Betrouwbaar getuigenbewijs. Totstandkoming en waardering vanstrafrechtelijke getuigenverklaringen in perspectief (diss. Leiden), Deventer: Kluwer 2014, p. 410. Vgl. M. Malsch, R. Kranendonk, J. de Keijser, H. Elffers, M. Komter & M. de Boer, ‘De papieren muur’, NJB 2015, 3, p. 183. Daarin stellen de onderzoekers dat zij ‘inhet huidige onderzoek verrast [zijn] door de beperktheid van de weergave van verhoren in pv’s,de verschillen tussen verhoren en pv’s, en de vertekeningen die daaruit kunnen voortvloeien’. Zie verder uitgebreid M. Malsch, R. Kranendonk, J. de Keijser, H. Elffers, M. Komter & M. de Boer, Kijken, luisteren, lezen: De invloed van beeld, geluid en schrift op het oordeel oververdachtenverhoren, Apeldoorn: Politie & Wetenschap, Amsterdam: NSCR 2015.
Op twee manieren hebben de opsporingsautoriteiten zelf de controle of informatie wordt gelekt. Dat is ten eerste tijdens een verhoorsituatie. Als tijdens het verhoor voor de verhoortactiek ‘confrontatie’ wordt gekozen, dan wordt de verdachte geconfronteerd met de resultaten van de opsporing. De confrontatietactiek heeft voor de eventuele afname van de GKT het gevolg dat een onschuldige verdachte daderkennis bezit. Daaruit vloeit de eis voort dat de details waarmee is geconfronteerd niet in de GKT kunnen worden gebruikt (en daardoor blijven mogelijk te weinig items over). Het eerste gevolg (prijs geven van daderkennis) is niet te herstellen. Uit het geheugen van de onschuldige verdachte kan de daderkennis niet worden verwijderd. Daarnaast kan de GKT geen onderscheid maken in hoe iemand daderkennis heeft verkregen, alleen dat hij daderkennis bezit. Dat een onschuldige persoon daderkennis heeft gekregen, betekent niet dat de GKT niet meer kan worden afgenomen. Dit heeft te maken met het tweede gevolg (het verwijderen van items waarover is gelekt). De kennis die de verdachte heeft verkregen tijdens het verhoor, moet worden verwijderd uit de GKT. Zowel schuldigen als onschuldigen bezitten immers die kennis. Indien na de verwijdering voldoende items over blijven, kan alsnog afname van de test plaatsvinden. Overigens wordt het verwijderen van items doordat niet meer aan de voorwaarde van naïviteit is te voldoen, een van de grootste beperkingen genoemd in praktijken veldonderzoek in de Verenigde Staten van Amerika en Israël.1
Aan de hand van deze veldervaringen blijkt dat lekkage een serieus (en groot) probleem kan opleveren voor de inzet van (neuro)geheugendetectie. Om lekkage tegen te gaan (of om controle op lekkage mogelijk te maken), lijkt het mij van essentieel belang dat de verhoren die voor de afname van de GKT plaatsvinden, worden opgenomen en/of verbatim worden uitgewerkt.2 De GKT-deskundige kan dan vaststellen of van de geselecteerde items de voorwaarde van naïviteit is geschonden en zo ja, het item verwijderen. Vervolgens kunnen de verdediging en de rechter later beoordelen of de (neuro)geheugendetectiemethode op een correcte manier is uitgevoerd.
Om het risico te vermijden dat onvoldoende items over blijven, is een andere mogelijkheid dat de GKT-deskundige direct na ontdekking van het strafbare feit de plaats delict onderzoekt om details voor de test te selecteren. Zodoende kan de test klaar zijn om af te nemen vóór het eerste verhoor (of ten minste met de ondervragende opsporingsambtenaar overleg kan volgen over te gebruiken details in de GKT die dan niet tijdens het verhoor aan bod mogen komen). Dit houdt echter in dat een GKT-deskundige altijd stand-by moet staan zodat hij snel ter plaatse is. Dit betekent dat elke regio over een (of meerdere) GKT-deskundige(n) moet beschikken of dat vanuit een centrale locatie elke plaats delict goed bereikbaar moet zijn.
Een nadeel van deze gang van zaken is dat de verdachte niet binnen enkele uren kan worden verhoord (mocht hij snel worden gearresteerd). Elke situatie waarbinnen informatie kan worden gelekt, moet worden vermeden. Een volgend nadeel van het direct opstellen en afnemen van de GKT is dat de (schuldige) verdachte te weten komt welke informatie over het strafbare feit de autoriteiten bezitten. Niet in alle zaken – bijvoorbeeld een zaak met onbekende mededaders – is dat gunstig. De mededader kan wellicht door de onderzochte persoon worden ingelicht over de stand van zaken van het onderzoek.
Mij lijkt de eerste optie – opnemen of verbatim uitwerken van het verhoor, waarbij opnemen natuurlijk een veel efficiëntere werkwijze is zonder dat kwaliteit verloren gaat – praktisch eenvoudiger haalbaar omdat weinig aanpassing van de huidige praktijk nodig is, behalve dat verhoren dienen te worden opgenomen zodat de GKT-deskundige kan (en later het Openbaar Ministerie, de verdediging en de zittingsrechter kunnen) controleren of van een item de voorwaarde van naïviteit is geschonden.
De eerste optie heeft als grootste kracht dat het een zeer efficiënte methode is die zonder veel moeite in de praktijk kan worden geïncorporeerd. Het biedt echter alleen de mogelijkheid tot controle voor lekkage (en het kwaad is dan al geschied). Dat probleem wordt voorkomen met de tweede optie. De GKT is dan altijd klaar vóór het eerste verhoor, zodat van lekkage van informatie tijdens het verhoor geen sprake kan zijn. Dit vergt echter wel dat politie op verschillende plaatsen over voldoende GKT-deskundigen beschikt en dat de overige opsporingsambtenaren het geduld kunnen opbrengen om te wachten op de GKT (en onder geen beding beginnen met verhoren). De tweede optie verdient wat mij betreft de voorkeur omdat de kwaliteit van de GKT niet in het geding komt, maar het vereist het opleiden van veel deskundigen en het naar een later moment verplaatsen van het eerste verhoor.