Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/3.15.0
3.15.0 Introductie
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS401465:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Freedman, J. (2000), supra noot 64, blz. 317-354.
Hillman, R.W. (1992), `Limited Liability and Extemalization of Risk: A Comment on the Death of Partnership', 70 Washington University Law Quarterly, blz. 477-487.
Hillman volstaat met een constatering hiervan maar werkt zelf verder niet uit op welke wijze de actieve participatie relevant is voor de beperking van aansprakelijkheid.
Vgl: Easterbrook, F.H. en D.R. Fischel (1991), supra noot 91, blz. 56.
Fortney, S.S. (1997), supra noot 26, blz. 717-768.
Easterbrook, F.H. en D.R. Fischel (1991), supra noot 91, blz. 56.
Manne, H.G. (1967), supra noot 25, blz. 259-284.
Er is veel kritiek geuit op het beschikbaar stellen van beperkte aansprakelijkheid aan alle soorten vennootschappen.1 Ten eerste is de daaraan ten grondslag liggende efficiëntietheorie bekritiseerd omdat zij onvoldoende rekening houdt met de speciale karakteristieken van private vennootschappen. Die lopen uiteen van vennootschappen waarin bestuur en aandeelhoudersschap samenvallen tot vennootschappen waarin die ver uit elkaar liggen en er ter compensatie een toezichtstructuur is.2 Daarnaast zijn deze vennootschappen ook nog eens actief in een breed scala aan sectoren. Volgens Hillman zou moeten worden nagegaan wat er onder actieve participatie wordt verstaan en op welke wijze dit relevant is voor de beperking van aansprakelijkheid.3 In het verlengde hiervan wordt gesteld dat wanneer er geen scheiding tussen eigenaarsbelangen en bestuur is, er geen sprake zal zijn van toezichtkosten om het bestuur te controleren.4 Het voordeel van de afname van deze kosten, dat volgens de efficiëntietheorie wordt bereikt door beperkte aansprakelijkheid, zou in dat geval wegvallen. De onbeperkte aansprakelijkheid in personenvennootschappen zou vennoten aanmoedigen om het gedrag onderling te controleren, en zou een prikkel geven om fouten te voorkomen en ervan af te zien om in onrechtmatige activiteiten te participeren.5 Een ander argument tegen de beperking van aansprakelijkheid heeft te maken met het besloten karakter van deze vennootschappen. De aandelen/participaties zijn niet aan de beurs genoteerd en vaak niet vrij verhandelbaar, om ervoor te zorgen dat degenen die investeren op een lijn zitten met de bestaande besluitnemers of omdat de vennootschap gebaseerd is op samenwerking.6 Hierdoor zou er geen controle en sturing van de bestuurders door aandeelprijzen zijn, zoals beargumenteerd door de efficiëntietheorie.7