Bedrijfswaarde (FM)
Einde inhoudsopgave
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/5.3.1.1:5.3.1.1 De gecorrigeerde vervangingswaarde
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/5.3.1.1
5.3.1.1 De gecorrigeerde vervangingswaarde
Documentgegevens:
G.Th.K. Meussen, datum 07-10-1997
- Datum
07-10-1997
- Auteur
G.Th.K. Meussen
- JCDI
JCDI:ADS351676:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Tap., blz. 164.
Tap., blz. 164.
HR 5 juni 1996, nr. 30 314, V-N 1996 blz. 2750-2751.
Blijkens HR 5 juni 1996, nr. 30 314, met conclusie A-G Loeb, BNB 1996/250 met noot van G.J. van Leijenhorst kan de gecorrigeerde vervangingswaarde van het kerkgebouw, de Nieuwe Kerk te Amsterdam (een beschermd historisch monument) wegens algehele functionele veroudering op nihil worden gesteld.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij de bepaling van de grootte van de vervangingswaarde is maatgevend het 'offer' dat gebracht moet worden om een bepaald object weer in dezelfde staat aan te schaffen of te vervaardigen. Volgens Kruime11 neigt deze omschrijving van het begrip vervangingswaarde bij onroerende zaken naar het begrip her-bouwwaarde.
Spreken we over de gecorrigeerde vervangingswaarde dan wordt daarmee bedoeld dat bij de vaststelling ervan, rekening gehouden wordt met de technische en de functionele veroudering van het object die opgetreden is sedert de stichting van de zaak. De invloed van latere wijzigingen wordt daarbij mede in beschouwing genomen. De term 'functionele veroudering' doelt volgens Kruime12 op algemene ontwikkelingen die tot gevolg hebben dat een nieuw (naar huidige maatstaven opgezet) gebouw economische voordelen biedt ten opzichte van een reeds bestaand gebouw. De gecorrigeerde vervangingswaarde leidt in een dergelijk geval tot een lagere waardering dan bij een waardering op vervangingswaarde (sec) het geval zou zijn.
Volgens de Hoge Raad3 moet de gecorrigeerde vervangingswaarde worden gezien als een technische uitwerking van de waarde die de zaak in economische zin voor de eigenaar zelf heeft4.