Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/4.4.1:4.4.1 Doelvermogen
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/4.4.1
4.4.1 Doelvermogen
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS492997:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een stichting is een rechtspersoon met doelvermogen.1 Dat doelvermogen is niet aan een persoon gebonden. Doel en vermogen zijn zo essentieel dat deze begrippen onderdeel uitmaken van de definitie van stichting. Anders dan kapitaalvennootschappen en verenigingen kent een stichting een uitkeringsverbod.2 Het vermogen van de stichting behoeft niet afgezonderd te worden maar wordt wel geacht als geheel een doelvermogen te zijn. Het doel wordt bereikt met behulp van een vermogen, vandaar dat de term 'doelvermogen' gehanteerd wordt.
De huidige wettekst stelt in artikel 2:18 lid 6 BW dat na rechtsvormwijziging het
`vermogen dat zij bij de rechtsvormwijziging heeft en de vruchten daarvan slechts met toestemming van de rechter anders mogen worden besteed dan voor de rechtsvormwijziging was voorgeschreven'.
De vermogensklem heeft een waarborgfunctie voor het stichtingsvermogen. Vermogen van een stichting is doelvermogen en dient aangewend te worden om een bepaald doel te verwezenlijken. Voor zover een stichting van rechtsvorm wijzigt, dient dit beklemde vermogen gehandhaafd te blijven. Met anders besteden wordt bedoeld anders dan in overeenstemming met het doel van de stichting.
Dit doelvermogen wordt op diverse manieren in de literatuur aangeduid: vermogensklem, beklemd vermogen, gefixeerd vermogen of bestemmingsklem. Niet alleen het vermogen van de stichting op het moment van rechtsvormwijziging maar ook de vruchten daarvan mogen slechts anders worden besteed na verkregen toestemming van de rechter.
Dat het doelvermogen een zo prominente plaats inneemt is begrijpelijk Immers, het vermogen van de stichting komt in aanvang op een andere wijze tot stand dan het vermogen van een kapitaalvennootschap of van een vereniging. Een kapitaal vennootschap ontleent haar vermogen in eerste instantie aan het geld dat ter storting op de aandelen door de aandeelhouders wordt voldaan. Een vereniging, cooperatie en onderlinge waarborgmaatschappij komen aan inkomsten door de bijdrage die de leden afdragen. Een stichting kent een dergelijke vermogensaanvoer niet. Het vermogen van de stichting is in de regel van derden, relatieve buitenstaanders, die geen institutionele positie binnen de rechtspersoon hebben, afkomstig. Daarom is het van belang dat het doelgebonden karakter van het vermogen beschermd wordt. Dat neemt niet weg dat het vermogen van een stichting ook door eigen, al dan niet commerciële, activiteiten kan toenemen. Toename van het vermogen blijft onder het doelvermogen van de stichting vallen, ook na rechts-vormwijziging van een stichting.
Voorbeelden
1. De Stichting 'Weg met hooikoorts' heeft zich ten doel gesteld zich in te zetten hooikoorts te verminderen. De stichting drijft een onderneming. Met gelden verkregen uit donaties zet de stichting een privékliniek voor hooikoorts-patiënten op. Deze activiteiten vallen onder de doelstelling van de stichting.
2. De Stichting 'Weg met hooikoorts' heeft zich ten doel gesteld zich in te zetten hooikoorts te verminderen. De stichting wijzigt de rechtsvorm in een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid. Met het geld van de voor rechtsvormwijziging opgerichte stichting zet de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid een privékliniek voor hooikoortspatiënten op. Deze activiteiten vallen onder de doelstelling van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid.
In het eerste geval is en blijft de rechtspersoon een stichting. De activiteiten en inkomsten daaruit vallen onder het doelvermogen van de stichting. Indien de activiteiten niet onder de doelstelling van de stichting vallen, moeten de statuten gewijzigd worden. Als de statuten de mogelijkheid tot wijziging niet openen, kan aan de rechter om wijzigingen van de statuten worden verzocht.3
In het tweede geval kan twijfel ontstaan. Valt vermogenstoename van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid onder de vermogensklem? Ik ben van mening dat het geldbedrag, inclusief de inkomsten die daaruit worden gegenereerd, uit het vermogen van de stichting ten tijde van de rechtsvormwijziging dat geïnvesteerd wordt in het opzetten van de privékliniek onder het doelvermogen van de stichting valt dat beschermd wordt door artikel 2:18 lid 6 BW. De inkomsten die uit de onderneming worden gegenereerd ná rechtsvormwijziging met de middelen die de aandeelhouders ter gelegenheid van de rechtsvormwijziging hebben gestort, dienen niet te worden toegerekend aan het gebonden vermogen van de stichting.4