Niet-betaling in de btw
Einde inhoudsopgave
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/1.2.1:1.2.1 Betaling vormt géén voorwaarde voor verschuldigdheid en aftrek
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/1.2.1
1.2.1 Betaling vormt géén voorwaarde voor verschuldigdheid en aftrek
Documentgegevens:
dr. mr. B.G.A. Heijnen, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
dr. mr. B.G.A. Heijnen
- JCDI
JCDI:ADS494159:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het zogenoemde kasstelsel vormt een belangrijke uitzondering. Ik kom daarover nog te spreken (paragraaf 1.2.3).
Art. 63-66 Btw-richtlijn en art. 13 Wet OB 1968; art. 15 lid 1 onderdeel a Wet OB 1968. Zie ook HvJ 29 april 2004, nr. C-152/02, V-N 2004/31.18 (Terra Baubedarf-Handel).
Art. 13 lid 1 respectievelijk lid 2 Wet OB 1968.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Betaling van de factuur speelt voor het verschuldigd worden en het kunnen aftrekken van btw in principe1 geen rol van betekenis. Ook wanneer een ondernemer geen betaling heeft ontvangen in verband met door hem verrichte prestaties is hij gehouden de belasting aan de schatkist te voldoen. Daar staat tegenover dat hij de btw op inkomende facturen bij ontvangst daarvan reeds in aftrek mag brengen, al heeft hij de factuur op dat moment nog niet betaald.
Anders dan betaling is voor de factuur wel een hoofdrol weggelegd. De factuur vormt een belangrijk document voor het verschuldigd worden en het kunnen aftrekken van de btw.2 Vandaar dat de btw wordt aangeduid als een heffing die geschiedt conform het zogenoemde factuurstelsel. Hierop bestaat een aantal uitzonderingen. Een factuur hoeft namelijk niet altijd voorwaarde te zijn voor verschuldigdheid en aftrek. Ik denk bijvoorbeeld aan de situatie waarin de ondernemer niet verplicht is tot het uitreiken van een factuur, niet tijdig of geen factuur uitreikt, terwijl hij daartoe wel verplicht is of een vooruitbetaling ontvangt. In deze gevallen schrijft de Nederlandse wet een verschuldigdheid voor zonder dat sprake is van een factuur.3 Een factuur vormt in de gevallen waarin de btw op grond van de zogenoemde verleggingsregeling wordt geheven van de afnemer evenmin voorwaarde voor het kunnen realiseren van de aftrek.