Achtergestelde vorderingen (O&R)
Einde inhoudsopgave
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/8.6.3:8.6.3 Binding van achtergestelde schuldeisers
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/8.6.3
8.6.3 Binding van achtergestelde schuldeisers
Documentgegevens:
mr. drs. N.B. Pannevis, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
mr. drs. N.B. Pannevis
- JCDI
JCDI:ADS186866:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
A. van Hees 1989, p. 115 en 116, Spinath 2005, p. 26, Van Grevenstein 1992, p. 135 en Van Gangelen & Gispen 2018, p. 9.
A. van Hees 1989, p. 116.
Zo ook Spinath 2005, p. 27.
Zo ook Soedira 2011, p. 117, 118 en 133.
Anders wat betreft de gevolgen van het akkoord kennelijk: A. van Hees 1989, p. 116. Zie ook HR 31 januari 1992, NJ 1992/686 (Van der Hoeven/Comtu), r.o. 3.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
535. Een faillissementsakkoord kan de eigenlijk achtergestelde schuldeisers binden.1 Het belangrijkste argument daarvoor is een redenering uit het ongerijmde. Als een faillissementsakkoord de achtergestelde vorderingen niet zou binden dan zou een akkoord vrijwel onhaalbaar zijn in een faillissement met achtergestelde schuldeisers. Daarvoor is geen goede reden. De achtergestelde schuldeisers zouden dan na de beëindiging van het faillissement hun volledige achtergestelde vordering kunnen verhalen op het vermogen van de schuldenaar buiten de bepalingen van het akkoord om, terwijl doorgaans de seniorschuldeisers genoegen hebben moeten nemen met onvolledige nakoming van hun vordering. Bij het opstellen van het akkoord zou hier rekening mee moeten worden gehouden en zouden dus gelden moeten worden gereserveerd voor de volledige voldoening van de achtergestelde schuldeisers, waardoor er nog minder vermogen beschikbaar is om de seniorvorderingen na te komen. In de woorden van A. van Hees: “De achterstelling zou in haar tegendeel verkeren.”2 Dit is reden om aan te nemen dat een faillissementsakkoord de achtergestelde schuldeisers wel kan binden.3
Verder kan worden aangevoerd dat eigenlijk achtergestelde schuldeisers aan het akkoord gebonden zijn omdat zij simpelweg vallen onder de reikwijdte van artikel 157 Fw.4 Dat bepaalt immers dat alle schuldeisers van verifieerbare vorderingen zonder voorrang aan het akkoord gebonden zijn. De relevantie van dit argument is echter beperkt omdat bij het opstellen van artikel 157 Fw geen rekening is gehouden met achtergestelde vorderingen.
Niettemin is de conclusie dat eigenlijk achtergestelde schuldeisers zijn gebonden aan het akkoord. De gevolgen daarvan worden bepaald door het akkoord.5