De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV
Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.4.1:9.4.1 Inleiding
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.4.1
9.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS374599:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zo ook Geerts, diss. (2004), p. 79. Zie voor een bespreking van deze rechtspraak: GS Rechtspersonen/P.G.F.A. Geerts, art. 347 Boek 2 BW, aant. 2 (online bijgewerkt tot 1 augustus 2004).
OK 10 januari 2008,JOR 2008/39 (PCM), OK 22 september 2008, JOR 2009/36 (Friesland Vlees) en OK 14 april 2010, JOR 2010/185 (Meavita). In OK 17 januari 2007, JOR 2007/42 (Stork) en OK 17 april 2008, JOR 2008/157 (ABN AMRO) voegen de vakbonden zich als belanghebbende in de procedure.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de rechtspraak tot en met 2004 levert de toepassing van de vereisten van art. 2:347 BW voor zover ik weet geen onduidelijkheden op.1 Dit is op zich niet vreemd. Zolang de rechtspersoon een actieve onderneming heeft zal de ontvankelijkheidsvraag niet ingewikkeld zijn. Dit ligt anders indien ten tijde van het indienen van het enquêteverzoek geen werknemers meer in dienst zijn bij de onderneming als gevolg van een reorganisatie of faillissement. De OK wijst na 2004 slechts vijf enquêtebeschikkingen waarin de vakbonden als verzoeker of belanghebbende betrokken zijn.2 Bij een aantal van die beschikkingen komt de toepassing en strekking van art. 2:347 BW in geval van voornoemde situaties aan de orde.