Achtergestelde vorderingen (O&R)
Einde inhoudsopgave
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/6.6.4.2:6.6.4.2 Afdracht van overwaarde
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/6.6.4.2
6.6.4.2 Afdracht van overwaarde
Documentgegevens:
mr. drs. N.B. Pannevis, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
mr. drs. N.B. Pannevis
- JCDI
JCDI:ADS186791:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 19 mei 1995, NJ 1996/119 (Keereweer q.q./Sogelease), J.J. van Hees 1997b, p. 88 en Kortmann & Van Hees 1995, p. 456.
Art. 7:108 BW, zie ook art. 7:112 BW.
Vgl. artt. 3:234 lid 1 en 7:855 lid 1 BW.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
387. De overbedeling van de senior en onderbedeling van de junior kan worden rechtgezet door aan te nemen dat de senior het meerdere dat hij uit zijn vordering en de doorstortplicht ontvangt boven de hoogte van zijn vordering moet afdragen aan de junior.
Die verplichting sluit aan bij de functie van de doorstortplicht. De doorstortplicht en de achterstelling waarvan die onderdeel uitmaakt dienen tot zekerheid van volledige nakoming van de seniorvordering. Die zekerheid heeft niet als doel om de senior verder te verrijken dan hetgeen hij ontvangt bij volledige nakoming van zijn vordering. Voor zover de senior door de doorstortplicht meer ontvangt dan de hoogte van zijn vordering is dat te beschouwen als overwaarde.
Bij andere zekerheidsrechten is de zekerheidsgerechtigde verplicht om die overwaarde af te dragen. Dat geldt bijvoorbeeld voor pandrechten1, hypotheekrechten2, eigendom tot zekerheid3, goederenkrediet4 en huurkoop5. De verplichting tot afdracht van overwaarde kan een algemeen beginsel van zekerheidsrechten worden genoemd en strookt met de functie van een zekerheidsrecht, zekerstelling van volledige betaling van de gezekerde vordering. Dat beginsel kan ook worden toegepast op de doorstortplicht bij een achterstelling. Op grond daarvan is de senior verplicht om het meerdere dat hij ontvangt boven het bedrag van de seniorvordering af te dragen.
Die overwaarde moet de senior betalen aan de junior, omdat de overwaarde tot stand komt doordat de schuldenaar de junior betaald heeft.6 Verder moet de seniorvordering uit het vermogen van de schuldenaar worden voldaan, afdracht aan de schuldenaar zou dat opheffen. Bovendien hoeft de junior de betaling van de seniorvordering niet te dragen zolang die betaling ten koste van de schuldenaar kan gaan. Dus als er na voldoening van de seniorvordering overwaarde rest, dan moet dat worden gebruikt voor betaling van de juniorvordering.