Einde inhoudsopgave
De aansprakelijkheid op grond van een 403-verklaring (IVOR nr. 122) 2021/9.10.2.b
9.10.2.b Aansprakelijkheid op grond van de 403-verklaring
mr. E.A. van Dooren, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
mr. E.A. van Dooren
- JCDI
JCDI:ADS250312:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Van der Kraan 2012, p. 158. Zie § 9.2.2 waar ik tot de conclusie kom dat de 403-aansprakelijkheid onder algemene titel kan overgaan op een verkrijgende rechtspersoon. Dit standpunt wordt echter niet door iedereen onderschreven. Zie met betrekking tot onderhavige casus: Van Olffen, Buijn & Simonis 2004, p. 89 en Holtman 2019, p. 164.
Ook als een moedermaatschappij is verdwenen door een fusie of een zuivere splitsing, is een verkrijgende rechtspersoon op grond van de 403-verklaring aansprakelijk, terwijl in de verklaring staat dat de moedermaatschappij aansprakelijk is (zie § 9.8.2.b en § 9.9.2.b). In die gevallen zal dit echter niet tot onduidelijkheid leiden, omdat de moedermaatschappij door de fusie of de zuivere splitsing is opgehouden te bestaan.
In de splitsingsakte moet zijn opgenomen welke vermogensbestanddelen van de moedermaatschappij bij de afsplitsing onder algemene titel op de verkrijgende rechtspersoon zijn overgegaan en welke bij de moedermaatschappij zijn achtergebleven.1 Indien de betrokken partijen willen dat de 403-aanprakelijkheid van de moedermaatschappij overgaat op de verkrijgende rechtspersoon moeten zij dat in de splitsingsakte opnemen.2 Als uit de splitsingsakte niet blijkt dat de 403-aansprakelijkheid wel of niet op de verkrijgende rechtspersoon is overgegaan, is deze bij de moedermaatschappij achtergebleven.3
Mits ook aan de andere voorwaarden hiervoor is voldaan, kan de 403-maatschappij gebruik blijven maken van de jaarrekeningvrijstelling van het groepsregime als zij na de afsplitsing van vermogen van de moedermaatschappij een groepsband heeft met de rechtspersoon bij wie de 403-aansprakelijkheid is achtergebleven – de moedermaatschappij –, respectievelijk op wie deze aansprakelijkheid is overgegaan – de verkrijgende rechtspersoon.
Ik merk op dat als de 403-aansprakelijkheid onder algemene titel is overgegaan op de verkrijgende rechtspersoon, deze verklaring vanaf dat moment heeft te gelden als verklaring van deze rechtspersoon. In de 403-verklaring zelf staat echter dat de moedermaatschappij aansprakelijk is. Om duidelijk te maken dat de verkrijgende rechtspersoon aansprakelijk is op grond van de 403-verklaring, kan deze mijns inziens een addendum deponeren dat de 403-aansprakelijkheid op haar rust. Als er geen addendum is gedeponeerd, acht ik het verdedigbaar dat als een crediteur te goeder trouw de moedermaatschappij aansprakelijk stelt op grond van de 403-verklaring, deze moet instaan voor de gewekte verwachtingen. Ik meen dat van een crediteur van wie de vordering voortvloeit uit een rechtshandeling die de 403-maatschappij heeft verricht na de afsplitsing van vermogen van de moedermaatschappij, niet kan worden verwacht dat als hij bij het handelsregister de 403-verklaring opvraagt waarin staat dat de moedermaatschappij aansprakelijk is, hij daarna alsnog nagaat of de 403-aansprakelijkheid niet toch is overgegaan op de verkrijgende rechtspersoon.4 Een crediteur die de moedermaatschappij aansprakelijk stelt, zal een betaling van de 403-maatschappij of de verkrijgende rechtspersoon niet kunnen weigeren, maar als deze de vordering van de crediteur niet kunnen voldoen, is de moedermaatschappij mijns inziens hiertoe gehouden. Overigens krijgt de moedermaatschappij in dat geval een regresvordering op de 403-maatschappij en de verkrijgende rechtspersoon,5 maar als deze de oorspronkelijke vordering van de crediteur niet hebben kunnen voldoen, zullen zij de regresvordering ook niet kunnen voldoen.
Om eventuele verwarring omtrent de 403-aansprakelijkheid in zijn geheel te voorkomen, kan de moedermaatschappij haar 403-verklaring voor de afsplitsing intrekken. Als de verkrijgende rechtspersoon wil dat de 403-maatschappij gebruik kan blijven maken van de jaarrekeningvrijstelling van het groepsregime moet zij zelf een nieuwe 403-verklaring deponeren.