Einde inhoudsopgave
Platformisering, algoritmisering en sociale bescherming (MSR nr. 78) 2021/6.2
6.2 De positie van het platform
Eric Tjong Tjin Tai & Jaap van Slooten, datum 01-05-2021
- Datum
01-05-2021
- Auteur
Eric Tjong Tjin Tai & Jaap van Slooten1
- JCDI
JCDI:ADS288434:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Jaap van Slooten is als advocaat betrokken bij sommige in dit artikel genoemde platforms en heeft zich om die reden afzijdig gehouden van de passages die op die platforms betrekking hebben.
Schaub 2020, Tjong Tjin Tai 2018; Asser/Tjong Tjin Tai 7-IV 2018/70c; Koolhoven2015.
Binnen die duurovereenkomst kunnen dan steeds afspraken over kortdurende klussen worden gemaakt die als afzonderlijke overeenkomsten binnen een raamovereenkomst kunnen worden aangemerkt, of gewoon als nadere afspraken binnen een enkele overeenkomst.
Vgl. HvJ 20 december 2017, C-434/15 (Uber Spain), ECLI:EU:C:2017:981, r.o. 39.
Om de verbintenisrechtelijke positie van een platform te bepalen moeten we dit kwalificeren,2 wat niet eenvoudig is. Dit komt doordat het platform deels tussen de afnemer en de platformwerker in staat, en voor beiden diensten verricht, terwijl ook de platformwerker weer diensten voor de afnemer verricht. Diensten vallen normaal gesproken onder de overeenkomst van opdracht (par. 6.2.1). Maar wie is nu opdrachtgever van wie? Geeft de afnemer een opdracht aan het platform, die dan feitelijk door de platformwerker wordt uitgevoerd (als onderaannemer), zoals in type c? Of geven afnemer en platformwerker een opdracht tot bemiddeling aan het platform die leidt tot een overeenkomst tussen afnemer en de platformwerker (bij welke laatste overeenkomst de afnemer opdrachtgever is), zoals bij type b? Deze kwalificatievraag is lastig te beantwoorden, mede door enkele bijzonderheden van platforms.
Platforms sluiten meestal een duurovereenkomst met de werkenden waarbij het platform de voorwaarden bepaalt.3
Een bijzonderheid is dat een platform vaak uniformiteit afdwingt ten aanzien van het productaanbod van de werkenden:4 dit kan beperkt blijven tot alleen de presentatie via app of website, maar kan zich ook uitstrekken tot de voorwaarden waaronder gecontracteerd wordt, de wijze waarop de dienst wordt uitgevoerd, of zelfs de te rekenen tarieven.
Platforms werken meestal op basis van provisie, een percentage of vast bedrag per afgesloten overeenkomst.
Daarbij regelt een platform ook vaak het betalingsverkeer: het int de vergoeding van de afnemer en betaalt dit uit aan de platformwerker (na aftrek van courtage/provisie).
Om deze werkzaamheden te verrichten kan het platform ook een volmacht hebben ontvangen (krachtens de algemene voorwaarden van het platform) van de platformwerker en/of de afnemer.
Voor de kwalificatie zijn deze kenmerken van belang. Wij zullen de verschillende mogelijk toepasselijke overeenkomsten nalopen. Eerst gaan we in op de opdracht (par. 6.2.1), daarna op bemiddeling en agentuur (par. 6.2.2) en franchise (par. 6.2.3). Tot slot lopen we ook de algemene regels van het verbintenissenrecht na (par. 6.2.4).
6.2.1 De overeenkomst van opdracht (en lastgeving)6.2.2 Bemiddeling en agentuur6.2.3 Franchise6.2.4 Algemeen verbintenissenrecht