Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving (SteR nr. 1) 2010/II.3.3.1:II.3.3.1 Inleiding
Rechtsgevolgen van toetsing van wetgeving (SteR nr. 1) 2010/II.3.3.1
II.3.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
Joost Sillen, datum 01-07-2010
- Datum
01-07-2010
- Auteur
Joost Sillen
- JCDI
JCDI:ADS588365:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Paragraaf 2.2.2.
Paragraaf 3.2.
Paragraaf 2.3.2. Zie ook Henke 1964, p. 433-434.
Dat wil zeggen: de konkrete Normenkontrolle en de Normenkontroll-, Urteils- en kommunale Verfasungsbeschwerde.
In de abstrakte Normenkontrolle is slechts vereist dat klager meent dat het gewraakte voorschrift nietig is. Zie paragraaf 2.3.2.3 en § 76 BVerfGG. Vgl. Benda & Klein 2001, nr. 707, die over de abstrakte Normenkontrolle schrijven: ‘Das BVerfG entscheidet in diesem Verfahren losgelöst von einem konkreten Streitfall’.
Zie paragraaf 3.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De toetsingsbevoegdheid van de Amerikaanse federale rechter verschilt wezenlijk van die van het Duitse Bundesverfassungsgericht.
De Amerikaanse rechter toetst (in beginsel) alleen als eiser door het gewraakte voorschrift rechtstreeks in zijn belangen wordt geraakt.1 De toetsingsuitspraak beperkt zich in beginsel ook tot die concrete belangenaantasting: hij toetst bij voorkeur niet de rechtmatigheid van het voorschrift zelf, maar de rechtmatigheid van zijn toepassing.2
Voor het Bundesverfassungsgericht geldt in de procedures die onderwerp zijn van dit onderzoek die beperking niet.3 Hoewel klager in alle procedures, behalve de abstrakte Normenkontrolle,4 pas ontvankelijk is, als het gewraakte voorschrift hem rechtstreeks in zijn belangen schaadt,5 is het Hof in geen van de procedures gehouden zijn toetsingsuitspraak te beperken tot die concrete belangenaantasting. Of die andere ‘vormgeving’ van de toetsingsbevoegdheid van het Bundesverfassungsgericht tot gevolg heeft, dat het Duitse constitutionele Hof ook aan een andere wijze van toetsing de voorkeur geeft dan de Amerikaanse federale rechter – die, zoals gezegd, toetsing van de toepassing van het voorschrift prefereert6 – bespreek ik hierna.