Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/7.9.2
7.9.2 Gebrek aan waarborgen voor een coherente uitleg in de richtlijn zelf
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS493613:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Micklitz 2007, p. 86: 'There is considerable uncertainty at all levels.'
Er ontbreken veel definities (goede trouw) en de beschikbare definities zijn op zeer onduidelijke en open wijze geformuleerd. Handig 2005, p. 1124 bekritiseert de vaagheid van bijv. de definitie van professionele toewijding.
Zoals die tussen ov. 6 considerans en art. 7 lid 4 onder d v.w.b. de betekenis van de strijd met de professionele toewijding in relatie tot de verstoring en die tussen de definities gehanteerd in art. 8 en 2 onder e jo. j richtlijn v.w.b. de noodzaak van een vrij dan wel geïnformeerd besluit. In art. 2 onder e ontbreekt voorts de hypothetische toumure 'kan beperken' en lijkt de wezenlijke verstoring in de Nederlandstalige versie van de richtlijn een positief besluit te vergen door de slottournure 'waardoor de consument tot een transactie besluit'. Vgl. ook de definitie van de uitnodiging tot aankoop: prijs en kenmerken bepalen zowel de toepasselijkheid als de uitkomst van de misleidende omissietoets. Handelaren kunnen immers aan de strenge informatieplichten inherent aan art. 7 lid 4 richtlijn ontsnappen door de prijs niet in de boodschap op te nemen.
476. De hoofd- en subnormen zijn open bedoeld. De hoeveelheid mee te wegen omstandigheden is zelfs onbeperkt daar waar verwezen wordt naar de goede trouw (professionele toewijding) of de feitelijke context en de omstandigheden van het geval (art. 6 lid 2, art. 7 lid 1 en 8). De mogelijke uitlegverschillen (par. 7.9.1) duiden er voorts op dat die elementen, die als waarborg voor een coherente uitleg zijn bedoeld — de definities uit art. 2, de criteria, de vele gezichtspunten en de zwarte lijst — hun doel deels voorbij schieten.1 De paradox van de richtlijn is, dat het gedetailleerde karakter ervan per saldo net zo veel onduidelijkheid schept dan dat het ten aanzien van de open normen en begrippen wegneemt. De uitgebreide richtlijnbepalingen bevatten veel vage en onvoldoende gedefinieerde normen en begrippen.2 De lijst biedt weinig houvast bij de invulling van de subnormen. Zij helpt niet bij het onderscheiden van de misleidende handeling en de misleidende omissie. Een onderliggende gedachte valt er voor wat betreft de agressiesubnorm niet uit af te leiden. De lijst agressieve praktijken is in dat opzicht te kort en te specifiek. De toetsingssystematiek, ofwel de onderlinge verhouding tussen de criteria bij een open norm of tussen de open (sub)normen van de richtlijn, ten slotte, is ook lang niet altijd duidelijk. Reden hiervoor is de sterke gelaagdheid van de richtlijn en het veelvuldig gebruik van verwijzingen en verbindingswoorden. De richtlijn bevat zelfs inconsistenties.3