Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1255
Opzettelijke invoer van cocaïne vanuit Curaçao (art. 2.A Opiumwet). 1. Afwijzing van ttz. in hoger beroep gedaan verzoek tot aanhouding om verdachte, die na schorsing van zijn voorlopige hechtenis naar Curaçao was afgereisd, met behulp van videoconferentie te horen, art. 131a Sv. 2. Bewijsklacht opzet. HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 18-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1710
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
18 november 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, M. Kuijer, C. Caminada
- Zaaknummer
23/02274
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1710, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:844, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 02‑09‑2025
Essentie
Opzettelijke invoer van cocaïne vanuit Curaçao (art. 2.A Opiumwet). 1. Afwijzing van ttz. in hoger beroep gedaan verzoek tot aanhouding om verdachte, die na schorsing van zijn voorlopige hechtenis naar Curaçao was afgereisd, met behulp van videoconferentie te horen, art. 131a Sv. 2. Bewijsklacht opzet. HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/02274
Datum 18 november 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 6 juni 2023, nummer 23-000627-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.