Afscheid van de klassieke procedure?
Einde inhoudsopgave
Afscheid van de klassieke procedure (NJV 2017-1) 2017/II.5.3:II.5.3 Oplossingsgericht maatwerk in Gouda
Afscheid van de klassieke procedure (NJV 2017-1) 2017/II.5.3
II.5.3 Oplossingsgericht maatwerk in Gouda
Documentgegevens:
B.J. van Ettekoven en A.T. Marseille, datum 08-06-2017
- Datum
08-06-2017
- Auteur
B.J. van Ettekoven en A.T. Marseille
- JCDI
JCDI:ADS300730:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een gemeente waar een werkwijze wordt gehanteerd die aansluit bij de benadering van Herweijer en Lunsing is Gouda. In Gouda geldt bij het nemen van besluiten en het behandelen van bezwaren als uitgangspunt dat wordt geprobeerd het probleem van de burger, of het probleem dat tussen het gemeentebestuur en een of meer burgers is ontstaan, zoveel als mogelijk op te lossen. Als je degene die in Gouda de bezwaarprocedure coördineert, vraagt naar de wijze waarop die gemeente bezwaren behandelt, begint hij met te vertellen dat in Gouda een negatief besluit voor een burger nooit als een verrassing komt. Voordat het besluit bekend wordt gemaakt, is er altijd (telefonisch) contact met de geadresseerde over de inhoud van het voorgenomen besluit. In dat gesprek wordt uitgelegd wat het besluit inhoudt, waarom het wordt genomen en dat er bezwaar tegen mogelijk is.
Komt er een bezwaar binnen, dan pakt de gemeente ook weer de telefoon. Iedere bezwaarmaker, ongeacht de inhoud van het bezwaar, krijgt een telefoontje van een medewerker van de afdeling Juridische Zaken, waar de behandeling van de bezwaren wordt gecoördineerd. Het telefoongesprek is de eerste stap in de behandeling van het bezwaar. Het dient drie doelen: vertellen dat het bezwaar in goede orde is ontvangen, vragen naar de reden van het bezwaar en overleggen over de wijze van behandeling. Is het bezwaar gebaseerd op een misverstand over de inhoud van het besluit, dan kan het telefoongesprek er toe leiden dat het bezwaar wordt ingetrokken. Intrekking is echter niet de insteek. In vervolg op het telefoontje vindt meestal een gesprek op het stadhuis plaats tussen de bezwaarmaker, een ambtenaar van de afdeling waar het bestreden besluit is voorbereid en een ambtenaar van Juridische Zaken. In dat gesprek wordt gekeken of het probleem dat aanleiding was om bezwaar te maken, kan worden opgelost.
Berust het bezwaar op een misverstand dat in het telefoongesprek nog niet uit de wereld is geholpen, dan biedt het gesprek op het stadhuis de mogelijkheid dat dit alsnog gebeurt. Maar het gesprek kan ook van waarde zijn als het besluit op een fout berust, bij een bejegeningskwestie of als maatwerk geboden is. Met de medewerker van Juridische Zaken als relatief onafhankelijke en veelal onbevangen gespreksleider en de vakambtenaar als ‘materiedeskundige’ zitten alle functionarissen aan tafel om tot overeenstemming met de bezwaarmaker te komen. Afhankelijk van de aard van het bezwaar kan de overeenstemming inhouden dat de gemeente aan de bezwaarmaker tegemoet komt, dat de bezwaarmaker, door de toelichting op het besluit, accepteert dat tegemoetkoming niet mogelijk is, dat de lucht wordt geklaard of dat alsnog (of: nog meer) maatwerk wordt geleverd.
Zit overeenstemming er niet in en is dus in de terminologie van Herweijer en Lunsing sprake van een principieel geschil, dan krijgt in Gouda de bezwaarmaker de gelegenheid te worden gehoord door de externe bezwaaradviescommissie. In de praktijk blijkt dat (ook als sprake is van een principieel geschil) het gesprek tussen de bezwaarmaker en de beide ambtenaren veelal volstaat. Omdat de bezwaarmaker in dat gesprek al zijn visie op het besluit heeft kunnen geven, vindt hij het meestal niet nodig ook nog door de commissie te worden gehoord. Desondanks worden bezwaren met enige regelmaat aan de bezwaaradviescommissie voorgelegd, hetzij omdat de bezwaarmaker behoefte heeft aan een frisse blik van niet bij de gemeente werkzame deskundigen, hetzij omdat hij in het telefoongesprek direct na het indienen van het bezwaar al heeft laten weten dat hij geen heil ziet in een gesprek op het stadhuis met twee ambtenaren, maar wil worden gehoord door de externe bezwaaradviescommissie.
Komt het in het gesprek tussen de bezwaarmaker en de twee ambtenaren tot overeenstemming tussen partijen, dan worden de afspraken op papier gezet. Houden de afspraken in dat het besluit waar het bezwaar zich tegen richt wordt gewijzigd, dan ligt het voor de hand dat de bezwaarmaker zijn bezwaar intrekt nadat hij het gewijzigde besluit heeft ontvangen. Mocht hij van mening zijn dat het gewijzigde besluit niet in overeenstemming is met de afspraken die zijn gemaakt of mocht hij zich hebben bedacht en alsnog afzien van intrekking van het bezwaar, dan wordt de procedure vervolgd. In de Goudse praktijk wordt een ruime meerderheid van de bezwaren ingetrokken na het gesprek tussen de bezwaarmaker en de beide ambtenaren.
De Goudse werkwijze roept twee vragen op: vindt deze manier van werken navolging en leidt ze tot een afname van het beroep op de rechter?