Einde inhoudsopgave
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/2.7.2
2.7.2 Ziektewet
mr.dr. G.A. Diebels, datum 24-09-2014
- Datum
24-09-2014
- Auteur
mr.dr. G.A. Diebels
- JCDI
JCDI:ADS574476:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Rechtswetenschap / Algemeen
Sociale zekerheid arbeidsongeschiktheid / Re-integratie
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Art. 45 lid 7 ZW. Meer precies staat in dit artikel opgenomen dat het UWV het ziekengeld geheel of gedeeltelijk, tijdelijk of blijvend weigert.
Art. 45 lid 1 sub j ZW.
Art. 29a ZW.
Art. 29 lid 5 ZW.
Art. 29 lid 7 jo. art. 15 lid 1 ZW, uitgezonderd de genoemde situaties, waar 100% geldt.
De werkgever betaalt twee WW-premies, te weten voor het Algemeen werkloosheidsfonds en voor de wachtgeldfondsen, waarvan de premie afhankelijk is van het werkloosheidsrisico in een bepaalde sector, J.J. Veld, Ziektewet, Kluwer: Deventer 2008, p.14 (Lexplicatie deel 5.21a). Ik laat de Wet Bevaza, die de premiebetaling regelt voor vangnetgevallen buiten beschouwing.
Elke werknemer is verzekerd voor de ZW (artikel 20 ZW) en heeft bij arbeidsongeschiktheid recht op een ZW-uitkering (artikel 19 lid 1 ZW). Uit artikel 29 lid 1 ZW blijkt dat de wet geldt als vangnetvoorziening: er wordt geen ziekengeld uitgekeerd als de verzekerde recht heeft op loondoorbetaling tijdens ziekte. Dat zal vaak zo zijn. Er kunnen zich niettemin situaties voordoen in de eerste twee jaar van arbeidsongeschiktheid waarin de werkgever géén loon hoeft door te betalen. Grofweg is daarbij een tweedeling te maken in gevallen waarin een ZW-uitkering van belang wordt. In de eerste plaats de werknemer wiens arbeidsovereenkomst eindigt in de eerste twee jaar van ziekte en in de tweede plaats bij de werknemer die in dienst is, maar waarbij een bijzonderheid speelt.
Een werknemer wiens arbeidsovereenkomst eindigt in de eerste twee jaar van arbeidsongeschiktheid komt in aanmerking voor een ZW-uitkering, omdat door het einde van de arbeidsovereenkomst ook het recht op loondoorbetaling ophoudt. In de meeste gevallen zal het hierbij gaan om arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd die aflopen. Er bestaat echter geen recht op een ZW-uitkering als een werknemer zonder deugdelijke grond heeft nagelaten verweer te voeren tegen een ontslagaanvraag en evenmin als hij heeft ingestemd met een beëindiging van de arbeidsovereenkomst in de eerste twee ziektejaren.1 Ook als de werknemer een dringende reden voor ontslag op staande voet heeft gegeven, leidt dat via de benadelingshandeling tot het ontbreken van een recht op uitkering.2
Het vangnet geldt ook voor arbeidsongeschikte werknemers, waarbij een bijzonderheid speelt. Die bijzonderheid leidt er toe dat niet wenselijk wordt geacht dat de last van loondoorbetaling op de werkgever rust. Het gaat om te beginnen omwerknemers die arbeidsongeschikt zijn ten gevolge van orgaandonatie. Zo’n werknemer heeft recht op een 100% ZW-uitkering, die in mindering komt op de loondoorbetalingsverplichting. Daarnaast is er de categorie vrouwelijke werknemers die arbeidsongeschikt is ten gevolge van zwangerschaps- of bevallingsgerelateerde klachten. Ook deze groep heeft recht op een ZW-uitkering naar 100% van het dagloon, die in mindering mag worden gebracht op de loondoorbetaling tijdens arbeidsongeschiktheid.3 Ten slotte is er de categorie werknemers die onder de zogeheten ‘no-riskpolis’ valt. Werknemers die een WIA-keuring hebben ondergaan, kunnen onder bepaalde voorwaarden aanspraak maken op een ZW-uitkering als zij binnen vijf jaar na indiensttreding bij een nieuwe werkgever uitvallen vanwege arbeidsongeschiktheid.4
Het ZW-recht bestaat voor een tijdvak van 104 weken.5 Omdat het ziekengeld niet wordt uitgekeerd als er aanspraak bestaat op loondoorbetaling komt per saldo op de ZW-periode eerst de periode van loondoorbetaling bij arbeidsongeschiktheid in mindering. Een onderbreking van de arbeidsongeschiktheid van vier weken of meer betekent dat een nieuwe ZW-periode ontstaat. Er gelden standaard twee wachtdagen. De uitkering zelf bedraagt 70% van het dagloon, met een maximum van 70% van het maximum dagloon.6 De ZW is een werknemersverzekering waarvoor noch bij de werkgever, noch bij de werknemer een separate premie wordt geheven. De ZW-uitkeringen worden gefinancierd uit de WW-premies die de werkgever betaalt.7